Translate

vrijdag 16 september 2016

HET ZWARTE GAT IS IN ZICHT


HET ZWARTE GAT IS IN ZICHT

Een zwart gat is een catastrofe. Door de zwaartekracht van de compacte massa, kan niets daaruit ontsnappen. Stel eens voor, dat we met z’n allen worden meegezogen in zo’n zwart gat! Er zijn tekenen aan te wijzen, die dit proces aankondigen, zoals Negatieve Rente (een ‘gezond’ economisch signaal, nietwaar?) en de uitschakeling van normale ‘Vraag en Aanbod’, kortom de feitelijke nationalisatie van de Markt, door de Centrale Banken. Degenen, die deze onnatuurlijke situatie verdedigen (‘om de wereld te behoeden voor de ondergang’), voeren echter steeds meer een achterhoedegevecht. Deze kunstmatige omgekeerde wereld wreekt zich. Maar helaas laten de Centrale Bankiers zich voorlopig niet kisten door schijnbaar ondoeltreffende of zelfs averechtse maatregelen. Daarom is voorlopig juist een verdere verdubbeling van hun dwaze monetaire stimuleringen, met slechts tijdelijke onderbrekingen, te verwachten. De machtige internationale, financieele en politieke elite staat immers (nog) aan het roer. Totdat de natuur zelf, op den duur, korte metten maakt met dit onzinnige beleid door een systeemcrisis. Triest!


Natuurlijk werd de wereld onlangs even uit de zomerslaap wakker geschud door hogere obligatie-rendementen, dalende aandelenkoersen en een hogere volatiliteit (VIX). Centrale Banken gaven enkele, schijnbaar verwarrende, signalen over de voortzetting van hun monetaire stimuleringen. De heftige marktbewegingen worden tegenwoordig veroorzaakt door de automatische, computergedreven, beurshandel en de honderden miljarden in ‘Carry Trades’ met enorme hefbomen, die actief zijn op het terrein van ‘frontrunning’ (kopen, voordat Centrale Banken kopen). Maar dit is weer een koopgelegenheid in, met name, de 30-jarige Treasury, de TLT en de ZROZ (Nulcoupon). Er is geen sprake van economische groeiversnelling of inflatiestijging. Integendeel! Het is overal economische stagnatie, wat de klok slaat, en Japan is alweer teruggevallen in deflatie. De ‘echte’ werkloosheidscijfers, met name in Amerika, zijn veel hoger dan de officieele cijfers, getuige de lage arbeidsparticipatiegraad, vooral in de leeftijdsgroep van 25 tot 54 jaar. Bovendien is de omloopsnelheid van het geld ingestort naar het laagste niveau in 60 jaar! Overigens is de TLT tot nu toe in 2016 met zo’n 30% in waarde gestegen en zo’n 100% sinds 2007. Aan die triomftocht komt voorlopig geen einde, want de internationale vlucht in Treasuries staat nog voor de deur, vooral vanuit landen met negatieve rente.

Zelfs als er, in de komende jaren, meer nadruk wordt gelegd op infrastructuur- en defensie-uitgaven, zullen de economische vooruitzichten maar weinig kunnen verbeteren, vanwege de verhouding van de totale schuld ten opzichte van de economie. Dit is sinds de financieele crisis in 2007 - 2008, weer met sprongen gestegen en is zeer groei-vertragend. De wereldeconomie verkeert nog steeds in een structurele gevarenzone en enige officieele rentestijging zou zorgen voor een ernstige terugval. Bovendien valt, bijvoorbeeld, na 5 kwartalen van winstdaling, de heffing van de Amerikaanse bedrijfsbelasting flink tegen, wat niet pleit voor een economie, die aantrekt. Stel eens voor, dat de volgende recessie zich opeens aandient, terwijl het rentebeleid nog niet is ‘genormaliseerd’. Bestrijding van zo’n recessie met een forse renteverlaging is dan inderdaad niet meer mogelijk. Maar die recessie kan juist niet meer worden vermeden als de rente zou worden verhoogd. En wat dan? ‘Catch-22’!

Het ligt echter helaas voor de hand, dat de Centrale Banken, met al of niet de nodige tegenzin (‘koudwatervrees’), hun excentrieke beleid stevig zullen uitbreiden, want het gewenste effect blijft uit. De economische cijfers ontwikkelen zich juist in negatieve zin. Dit financieel-economisch bestel staat op het spel, zo wordt gesteld. Maar de enkele rijken, met activa, worden toch steeds rijker en de meesten voelen zich relatief steeds armer, ookal hebben ze (nog) een baan? Een kniesoor, die daarop let! De geloofwaardigheid van Centrale Banken loopt gevaar. Dus kasgeld moet nog meer een hete aardappel worden! Daarom kan de Amerikaanse Federal Reserve (FED) de Federal Funds Rate (voor korte termijn geld van banken onderling) nog verlagen van 0.25% naar 0%, de kwantitatieve verruiming (QE), beeindigd in 2014, hervatten met pakweg $2000 mijard (QE4) en de aankoopprogramma’s uitbreiden naar bedrijfsobligaties (inclusief, niet door zekerheden gedekte, bankobligaties!) plus aandelen.

Professor Ben Bernanke, ex-hoofd van de FED, pleit al voor een ‘tijdelijke’ periode van Negatieve Rente, ook in Amerika! De overige Centrale Banken, zoals de Bank of Japan (BOJ), de Europese Centrale Bank (ECB), de Zwitserse Nationale Bank (SNB) en de Bank of England (BOE) zijn nog druk bezig met hun eigen QE van tegen de  $2000 miljard (een record) en hebben de koop van andere beleggingscategorieen, dan alleen staatsobligaties, allang reeds in gang gezet. Verlenging van hun QE-programma’s ligt, zonder meer, in het verschiet. Ruim 10% van alle obligaties in de wereld heeft inmiddels een Negatief Rendement. Dus nog ruimte genoeg voor vergroting (echt!). Ookal is het nu al zo, dat de totale waarde van, bijvoorbeeld, de Duitse staatsobligaties (Bunds) met Negatief Rendement groter is dan alle Euros, die thans in omloop zijn.

Ook bedrijven, zoals Henkel en Sanofi, spelen het spel mee, door de uitgifte van obligaties met Negatief Rendement. Hun kaspositie is al veel te groot en hun investeringsgeneigdheid in productieve fabrieken is minimaal. Maar waarom niet? Een kaspositie kost geld! Lenen is nu winstgevend en de dwaze kopers van dergelijke obligaties rekenen op nog grotere dwazen later, inclusief de Centrale Banken. Met hun oneindige geldbuidel (‘liquiditeit uit het niets’), kan, in theorie, alles door hen worden opgekocht en iedereen met enige activa, voelt zich dan miljonair, want alles lijkt opeens schaars en wordt nog schaarser. De illusie van de eeuw!

Net zoals ten tijde van de econoom John Law in 1719, die een manier had bedacht om de Franse staatsschuld te herstructureren en af te lossen via de beruchte ‘Mississippi luchtbel’. Die spectaculaire luchtbel barstte natuurlijk uiteindelijk, van de ene op de andere dag, zodra de speculanten in paniek raakten. Tijdens de Duitse hyperinflatie van 1921 tot 1924, stelden de hooggeplaatste economische geleerden (‘de Herr Professors’), dat de groei van de geldhoeveelheid van 75% bij een inflatie van 150%, veel te laag was en een recessie zou veroorzaken! Wordt het niet de hoogste tijd om economen, met hun wereldvreemde modellen, verre te houden van het monetaire beleid?

Ook de huidige, Keynesiaanse, tovenaars zullen, met hun monetaire experimenten, de gigantische deflatoire krachten van overcapaciteit en excessieve schuld niet kunnen tegenhouden, laat staan kunnen verslaan. Want de grootste monetaire catastrofe ooit, maakt nu juist weer geduldig zijn opwachting vanwege een overdosis monetaire morfine, waardoor het financieele systeem nog veel kwetsbaarder is geworden dan ooit. Als deze luchtbel ontploft, volgt er een generatie-lange economische depressie. Elke naieve veronderstelling, dat er plotseling een internationale Monetaire Reset, als een reddende engel (‘Deus ex Machina’), voor een zachte landing zou zorgen, kan gevoeglijk naar het land der fabelen worden verwezen. Pas op voor dergelijke luchtspiegelingen (‘Fata Morgana’s’)! Integendeel, het wordt juist ieder voor zich! Alleen grootmachten hebben kans om te overleven, terwijl zogenaamde landen-unies, zoals de Europese, worden vermorzeld. De Europese bankensector, bijvoorbeeld, verkeert, 8 jaar na de vorige financieele crisis, nog steeds in een acute noodsituatie.

Structurele deflatie, wat altijd een normaal verschijnsel is geweest bij de historische economische golfbewegingen, vooral tijdens de 19de eeuw, al naargelang de ontwikkeling van de krediet- en demografie-cyclus, zal de wereld, gedurende de komende decennia, opnieuw in zijn greep blijven houden. Deze deflatie wordt echter des te erger en langduriger, omdat het hedendaagse, ongedisciplineerde monetair beleid heeft geleid tot een dramatisch riskanter financieel systeem met veel teveel excessieve en improductieve schuld, waardoor het gevreesde zwarte gat voor het monetaire systeem steeds waarschijnlijker wordt.

Helaas is de studie van deflatie door de eeuwen heen, waar meestal niets mis mee is, tegenwoordig ernstig tekort geschoten. Dat heeft geleid tot een verkeerde diagnose van de economische situatie door de meeste deskundigen, die hoogstens 30 jaar terugkijken en geen geschiedkundigen zijn. De wereld heeft immers een unieke, grotendeels inflatoire, periode van 60 jaar achter de rug, die gekenmerkt werd door wederopbouw, een Baby Boom, overwegende inkomensgroei, een capaciteitstekort, globalisering en een technologische revolutie. De deflatoire periode is echter allang aan de gang, met reeele loonsverlaging, overcapaciteit, gedwongen schuldafbouw in de prive-sector en gebrek aan prijszettingsvermogen (‘pricing power’), vooral sinds de geboorte van het internet. Dat breidt zich nu wel uit, maar is nu eenmaal een noodzakelijk aanpassingsproces. De natuur is hier aan het werk en de paniek van Centrale Banken hierover lijkt grotendeels onterecht.

Zelfs na decennia van milde deflatie, is het werkloosheidspercentage van Japan, ookal door de versnelde vergrijzing, nog minimaal en is het inkomen per hoofd der bevolking toch gestadig gestegen. Het aggressieve monetaire beleid, welke kan leiden tot een monetaire ramp, lijkt daarom een overdreven reactie op een goedaardig en natuurlijk verschijnsel. De deflatie en werkloosheid van Zuid-Europa zijn te danken aan de ernstige ‘weeffouten’ van de architecten van de Eurozone, die dit hebben verweven met een politiek project, dat, tot nu toe, een heilige koe is geweest en dat daarom eens in de zoveel tijd, hinkt van crisis naar crisis.

En het raadsel van de structureel lage rente? Er is nu eenmaal sprake van een structurele daling van de vraag naar geld in verband met de vergrijzing, de tragere productiviteitsgroei, de wereldwijde overcapaciteit, de lagere investeringsdrang, de toenemende vermogens- en inkomensongelijkheid en de overvloed aan liquiditeit (‘savings glut’). Verlaging van risico’s is het huidige devies voor de meesten. Dit verklaart, waarom de trend van de reeele, natuurlijke oftewel neutrale rentestand, bijgesteld door de geldende inflatoire verwachtingen, voorlopig naar beneden blijft gericht, ookal door de stijgende vraag naar ‘veilige’ vastrentende waarden. Die trend kan tijdelijk worden onderbroken door grootscheepse overheidsinvesteringen in infrastructuur en defensie, maar niet omgebogen. Per slot van rekening zit de, met schuld beladen, overheid vrij krap bij kas en zal nu, meer dan ooit, de waarde van haar valuta in het oog moeten houden als enige staatsfinanciering zou moeten geschieden ‘uit het niets’ (QE).

Het is wel zo, dat het Grote Geld van talloze vermogensbeheerders steeds meer de nek uitsteekt naar riskante activa, voorzover dat is toegestaan, maar de effecten daarvan zijn nog niet bewezen. Het Nederlandse PGGM, met 200 miljard Euro, bijvoorbeeld, werd onlangs o.a. betrokken bij een Synthetische Securitisatie van 8.4 miljard Euro. Securitisatie, de samenvoeging en herverpakking van activa, was een van de hoofdoorzaken van de financieele crisis in 2008, maar het schijnbare rendement was zo aanlokkelijk. Veel sterkte toegewenst!

Maar is Zwitserland, met haar scherp Negatieve Rente van minus 0.75% sinds de afgelopen 2 jaar, niet het levende bewijs, dat dit ‘Monster van Frankenstein’ wel degelijk werkt? Daartoe werd besloten om de vlucht in de Zwitserse Frank tegen te gaan en niet zozeer om de economie te stimuleren. De Zwitserse financieele sector werd echter noodgedwongen ‘creatiever’. Doorsnee-spaarrekeningen werden weliswaar (nog) niet belast, maar de hypotheekactiviteiten, met hun aantrekkelijke winstmarges, werden flink uitgebreid. In eerste instantie, werden de hypotheekrentes zelfs verhoogd, wat waarschijnlijk alleen in het ‘gedisciplineerde’ Zwitserland mogelijk zou zijn geweest. Maar na 10 jaar van paradijselijke, explosieve groei, lijkt de Zwitserse onroerend goedmarkt eindelijk aan het eind van haar Latijn. Verder blijven de funeste gevolgen van Negatieve Rente, op langere termijn, voor pensioenfondsen, banken en verzekeraars, onverminderd van kracht. De situatie is dus allesbehalve stabiel! De hemel kan nog steeds naar beneden komen en alles meezuigen in een zwart gat!

DIEDERIK SCHMULL                                          16 September, 2016

WESTCLIFF-ON-SEA, Essex, U.K.

@@@

woensdag 17 augustus 2016

VERBIJSTERD


VERBIJSTERD

Er heerst verbijstering alom over de laagste rente in 5000 jaar en de indrukwekkende waardestijging van de obligatiemarkt, naarmate de daling van obligatie-rendementen, vooral in 2016, in een stroomversnelling is geraakt. De meeste ‘deskundige’ waarnemers hadden erop gerekend, dat deze 35-jarige(!) ‘zeepbel’ allang zou zijn gebarsten. Sinds 2000, zijn obligaties, gemiddeld, met name de langere, 30-jarige Amerikaanse Treasuries, tweemaal zoveel gestegen als aandelen, met aanzienlijk minder risico! Sinds 1981, dus in de laatste 35 jaar, zijn obligaties gemiddeld 320 maal omhoog en aandelen ‘slechts’ 50 maal, inclusief herbelegging van het dividend, wat 50% vormt van het totale aandelenrendement. Een dividend van een aandeel is echter nooit gegarandeerd en wordt vaak niet eens verdiend, maar geleend. Zie voor overzicht en gratis download:


https://www.credit-suisse.com/us/en/about-us/media/news/articles/media-releases/2016/02/en/credit-suisse-global-investment-returns-yearbook-2016.html

Verschillende aandelen-indices, zoals de Dow Jones, de S&P 500 en de NASDAQ, mogen dan een nieuw hoogtepunt hebben bereikt, maar die constatering is onvolledig. Sinds het vorige hoogtepunt in 2000, 16 jaar geleden, lijkt de S&P 500, inclusief de uitgekeerde dividenden (‘total return’), te zijn verdubbeld. Maar na aftrek van inflatie, was het ‘reeele’ rendement 40%, ondanks de tussentijdse ineenstortingen van 2000 tot 2002 en van 2007 tot 2009, welke aantonen, hoe risicovol en volatiel aandelen wel kunnen zijn. Toch zijn de aandelenmarkten slechts bijzaak (‘sideshow’), vergeleken met de obligatiemarkten, die wereldwijd tweemaal zoveel waard zijn (McKinsey).

Wat nu? Was de recente waardestijging van 30-jarige Treasuries, tot dusver in 2016, in de laatste 8 maanden, van zo’n 20%, niet een beetje teveel van het goede? De vooruitzichten blijven echter uitstekend. Mocht het rendement van de 30-jarige Treasury (2.25%), in de komende jaren, met nog eens 1% dalen, dan stijgt de waarde weer met 24%. Het rendement van de 30-jarige Japanse staatsobligatie (JGB) is slechts 0.36%, van de Duitse Bund 0.46% en dat van de Nederlandse staatslening 0.53%. Zo’n verschil in waardering van hun staatsobligaties tegenover Treasuries is volstrekt onterecht. Amerika maakt, sinds de Tweede Wereldoorlog, dus 71 jaar, immers nog steeds de dienst uit in deze drie landen, met 100,000 gestationeerde Amerikaanse militairen en niet andersom! Er zijn bovendien nog eens 50,000 Amerikaanse militairen gestationeerd in 147 andere landen. Stel je eens voor, als Amerika er genoeg van krijgt om op te draaien voor de militaire paraplu van andere landen. Dan zouden hun overheidsfinancieen er wel eens anders uitzien!

Om maar te zwijgen over het rendement van de 30-jarige staatsobligatie van het zwakke Frankrijk: 0.94%! Zelfs de 30-jarige staatsobligaties van hopeloze gevallen als Spanje (2.04%) en Italie (2.11%) hebben een lager rendement dan dat van de 30-jarige Treasury! Elke tegenwind in de Treasury-markt is daarom tijdelijk en dus een koopgelegenheid. Elke schijnbare economische reflatie, via nog meer monetaire stimulering, welke rente en inflatie omhoog zou kunnen stuwen, is niet vol te houden en zakt als een pudding weer in elkaar. Het Grote Geld in landen, met steeds negatievere rente, staat juist te springen om, bij elke consolidatie, nog meer Treasuries in te slaan. Want als globalisering aan terrein verliest en nationalisme de kop opsteekt, dan is het autarkische Amerika, dat zelfvoorzienend is in energie and graan, relatief de grootste winnaar.

Wat ook de echte reden is voor de instorting van Treasury-rendementen en dientengevolge hun waarde-vermeerdering, zal over enige jaren wel blijken. Hoogstwaarschijnlijk is het een combinatie van economische malaise vanwege excessieve schuld, chronische deflatie, toenemende vergrijzing en bovenal, van steeds aggressievere obligatie-aankopen (QE) door de Centrale Banken. Het tekort aan Treasuries, benodigd voor onderpand-doeleinden, met name voor de duizenden miljarden van derivaten, wordt steeds nijpender. Maar zelfs als Treasury-rendementen onverhoopt niet meer zouden dalen, om welke reden dan ook, dan blijven Treasuries nog bijzonder aantrekkelijk, vanwege hun reeele rendement, na aftrek van inflatie/deflatie.

Ondanks alles, zal de kans op enige terugkeer van inflatie en economische groei, echter van korte duur blijken te zijn. Nu het effect van kwantitatieve verruiming (QE) steeds minder wordt en zelfs negatieve bijverschijnselen vertoont (zoals gevaarlijke Negatieve Rente en onaanvaardbare vermogensongelijkheid), lijken de mogelijk laatste dobbels in het spel, zoals fiscale financiering via begrotingstekorten en zelfs ‘helikoptergeld’, om eventuele nieuwe infrastructuur- en defensie-uitgaven te dekken, weinig te zullen uithalen. Want die maatregelen moeten, noodgedwongen, binnen bepaalde perken worden gehouden, anders doemt er een valuta-crisis op. Overigens was het altijd al een raadsel, waarom men dacht, dat QE de economie op gang zou helpen. Bij lage of Negatieve Rente moet er juist meer gespaard of geleend worden om de uitgaven op peil te houden. Als de rijke buurman nog rijker wordt, vanwege activa-inflatie, zullen zijn uitgaven echt niet veel veranderen. Niets zal op den duur opgewassen zijn tegen de massieve, structurele deflatoire krachten van wereldwijde overcapaciteit, overproductie en schuldvermindering in de prive-sector. Reken maar, dat de al of niet gedwongen schuldvermindering in de openbare sector op een gegeven moment ook niet uit de weg kan worden gegaan. En wat te denken van de komende export van de, reeds 50 maanden durende, deflatie van China, via een versnelde devaluatie van de Yuan? Dan zal blijken, dat structurele deflatie in het Westen wel degelijk de overhand neemt, net zoals in Japan in de laatste 25 (!) jaar.

Toch lopen Centrale Banken reeds aan tegen de grenzen van QE. Zij ondervinden steeds meer ongemak bij institutionele beleggers, die weigeren vrijwillig afstand te doen van hun staatsobligaties, vooral in Japan, maar zelfs onlangs in Groot-Brittannie (de Giltmarkt). Verder is er al een stil protest aan de gang bij Europese verzekeraars en banken, vooral in Duitsland, die acties overwegen om de Negatieve Rente te ontlopen. Zij moeten nu jaarlijks 0.4% afdragen aan de ECB van het electronische geld (1000 miljard Euro), dat daar is gestald. Dit heeft, sinds 2014, reeds enkele miljarden gekost. De Zwitserse Nationale Bank (SNB) berekent zelfs 0.75%. Dat is ongeveer gelijk aan de kosten van verzekering van baar geld in een bankkluis. Maar een Zwitsers pensioenfonds kreeg onlangs geen toestemming van de SNB om hiertoe ook inderdaad over te gaan. Het is echter duidelijk, dat Negatieve Rente tegen een muur aanloopt, ondanks de afschaffing van bankbiljetten met een hoge denominatie, die trouwens onmiddellijk zouden worden vervalst en hun eigen hyperinflatie zouden beleven. Zie het fascinerende verhaal over de Shilling van Somalie van 25 jaar geleden:

http://jpkoning.blogspot.co.uk/2013/03/orphaned-currency-odd-case-of-somali.html

http://jpkoning.blogspot.co.uk/2016/02/can-central-bank-eliminate-its-highest.html

Gelooft men nu werkelijk het financieele systeem te kunnen redden door nog meer morfine toe te dienen? De pijnstillende werking van ‘eeuwige’ monetaire superstimulering, waarbij Centrale Banken ervoor zorgen, dat het werkelijke prijsmechanisme van de markten niet meer functioneert, kan het gehele kapitalistische systeem om zeep helpen. Is hier misschien opzet in het spel? Het doet bijna denken aan de ‘Coup de Whiskey’, die het toenmalige hoofd van de New Yorkse FED, Benjamin Strong, aan de markten in 1927 toediende, om de gevolgen van de onroerend goedcrisis in Florida, sinds 1925, te verhelpen. In 1925, het laatste jaar van die 5-jarige landhausse, was er sprake van een grondprijsstijging van gemiddeld 400%, voordat er een einde kwam aan deze spectaculaire zeepbel, die leidde tot een diepe economische depressie aldaar. Maar de daarop volgende, kunstmatige hausse in de aandelenmarkten tot 1929 was de voorbode voor een ontzaglijke economische instorting, die het kapitalistische systeem destijds bijna de kop kostte. Herhaalt de geschiedenis van deze nachtmerrie zich?

We leven in een nieuwe tijd, waar spaargeld ogenschijnlijk uit de gratie moet geraken (‘Cash is Trash’). Centrale Banken lijken alles, wat waardevol is, met hun oneindige geldbuidel, op te slokken, zodat het schaars en nog waardevoller wordt. Bijna alle beleggingscategorieen stijgen tegelijk, ongeacht de economische factoren. Beleggingsexperts staan hierover natuurlijk ook verbijsterd. Dus het valt niet mee om, met kasgeld, aan de zijlijn te blijven staan, terwijl iedereen nog rijker schijnt te worden. Waar het echter om draait is, wat de beste beleggingsstrategie zal blijken, gedurende een langere periode van bijvoorbeeld de komende 10 jaar. En dan is de kans, dat een strategie, die haaks staat op de huidige bedoelingen van de Centrale Banken, namelijk een overwogen positie in kasgeld, liefst Dollars, uiteindelijk de meeste vruchten afwerpt. Want opgepompte en overgewaardeerde activa in een tijd van ZIRP en NIRP (Zero/Negative Rates) worden uiteindelijk afgestraft en zullen een vergelijkbare val beleven als de mythologische figuur Icarus, die te dicht bij de zon vloog. De Centrale Banken zijn niet almachtig en zullen het barsten van de zeepbellen (zie 2000 en 2008!) niet kunnen voorkomen.

Of moeten we rekening houden met een hyperinflatie-scenario, waarbij bijna iedereen alles verliest, kasgeld juist een ‘hete aardappel’ wordt en de omloopsnelheid van het geld de pan uit rijst? Sommige waarnemers blijven steevast volhouden, dat een superkrediethausse altijd eindigt met de nekslag voor een valuta, spaargeld en de oudedagsvoorziening, waarbij de rente ook nog eens stijgt tot in de stratosfeer. Er is immers geen grens aan ‘gelddrukken’, doordat de Goudstandaard werd afgeschaft. Bovendien hebben zich 55 hyperinflaties (met inflatie van 50% + per maand) voorgedaan in de laatste 100 jaar. De ergste hyperinflatie ooit, vond in Hongarije plaats in 1946: het prijsniveau steeg, op een gegeven moment, met 150,000% per dag!

Gelukkig komt hyperinflatie hoogstzelden voor, vooral in bepaalde ontwikkelde landen, en is vaak het gevolg van hele sporadische omstandigheden, zoals het onvermogen om voldoende belasting te heffen of staatsobligaties uit te geven tijdens een crisis. Men zou kunnen stellen, dat het huidige superstimuleringsbeleid van de Centrale Banken, dat een bewuste activa-inflatie nastreeft oftewel een ‘crackup hausse’ (‘katastrophenhausse’ volgens Ludwig von Mises), uiteindelijk met de ondergang van het geld en van het financieele systeem eindigt. Tegelijkertijd moet men echter niet vergeten, dat de tienduizenden miljarden, die de Centrale Banken ‘uit de dunne lucht’ tevoorschijn hebben getoverd sinds de financieele crisis van 2008, nog steeds ‘gevangen’ zitten op hun balansen en nog niet de kans hebben gekregen om te ontsnappen naar de reeele economie, wat hyperinflatie waarschijnlijker zou kunnen maken. Waarom zou deze ‘gevangenschap’ niet nog eens 100 jaar of langer kunnen duren? Bij de afloop van aangekochte obligaties, worden dan nieuwe aangekocht, die de balans eveneens voorlopig nooit zullen verlaten.


De geschiedenis leert ons, dat we in het leven niets moeten uitsluiten, ook hyperinflatie niet. Maar daarom zorgen we ervoor, dat ons vermogen gespreid is en niet uitsluitend is geconcentreerd in een bepaalde beleggingscategorie. Alles is tegenwoordig mogelijk, zelfs oorlog. Daarom blijven we ook Fysiek Goud, in baren of munten, op eigen naam of in een extra verzekerde bankkluis, liefst in een ‘veilig’ land (Canada, Zwitserland, etc), door dik en dun vasthouden, ongeacht de prijs, als deel van ons vermogen, als verzekering tegen het ‘ondenkbare’. En we zwijgen daarover in alle talen met onze omgeving, maar spelen wel open kaart met de autoriteiten, als het toevallig belastbaar of verbeurdverklaard (‘geconfisceerd’) wordt. Want niets, maar dan ook niets, kan op den duur geheim worden gehouden. Daar zorgt het ‘derde oog’ voor!

DIEDERIK SCHMULL

17 Augustus, 2016

WESTCLIFF-On-SEA, Essex, U.K.

@@@

dinsdag 2 augustus 2016

HARTVERSCHEUREND


HARTVERSCHEUREND

Het vliegwiel van excessieve wereldschuld is allang dolgedraaid en hartverscheurende taferelen zullen zich overal op den duur afspelen. Lees de geschiedenis er maar op na. Zoiets loopt nooit goed af, alle sprookjes van een ‘zachte’ landing ten spijt. Juist een ellendige periode van faillissementen alom doemt op. De wereldeconomie zinkt nu immers al enige tijd steeds verder weg in het moeras van economische stagnatie. Ramingen voor economische groei worden al jarenlang voortdurend verlaagd. Met een, exponentieel stijgende, totale schuld, als percentage van de economie, op een historisch hoogtepunt aller tijden (‘Peak Debt’), lijkt dit af te stevenen op een crisis. De meeste schuld is immers ‘improductief’, omdat de inkomsten geen gelijke tred houden met de vereiste, weliswaar superlage, rentekosten en aflossing van de hoofdsom. Maar in het geval van negatieve rente en negatieve obligatie-rendementen, wordt de schuldenaar toch betaald voor de eer om geld te lenen, terwijl dat nog aftrekbaar is van de belastingen ook? Betekent dit, dat schuld nu eeuwig ‘goedkoop’ kan worden verlengd en verhoogd? Waren onze voorouders maar ooit op dat briljante idee gekomen! Of is deze omgekeerde wereld te mooi om waar te zijn? Wedden?


Zelfs een kind kan op zijn vingers natellen, dat een officieel beleid van Negatieve Rente, waarvoor de ECB en de Bank of Japan zich sterk maken, vroeg of laat, zal leiden tot de ondergang van het financieele systeem. Een ernstige economische afkoeling staat voor de deur, als besparingen geen rendement opleveren, laat staan belast worden! En dat alles terwille van een schijnbaar expliciete verlaging van de nominale schuld. Degenen, die negatieve rendementen accepteren in obligaties van topkwaliteit, en daarmee geld verliezen, zien dat als een noodzakelijke verzekeringspremie om kasgeld veilig te stellen. Als de rendementen nog verder dalen, eventueel door de aankoopprogramma’s van Centrale Banken, en men dus winst maakt, dan is dat meegenomen. Maar het feit, dat men bereid is om zo’n verzekeringspremie neer te tellen, bewijst, dat het Grote Geld wel degelijk rekening houdt met een dag des oordeels. Dat is de dag, dat opgepompte activa, zoals aandelen, onroerend goed en grondstoffen, aan de straatstenen niet meer kwijt te raken zijn. Bijvoorbeeld door kredietschaarste!

Dit is de top van de Superkredietcyclus (‘Peak Debt’). De schuldpiramide kraakt allang in zijn voegen en, historisch gezien, wordt elke kredietexpansie, die niet gepaard gaat met een navenante groei, automatisch gevolgd door een kredietcrisis. De ontwikkelde landen (G-10) gaan nu gebukt onder een totale prive- en openbare schuld van gemiddeld zo’n 300%, als percentage van hun economie, terwijl de schuldgroei nog steeds de economische groei overtreft. Vele studies hebben uitgewezen, dat bij een schuldpercentage van boven de 90%, de economie al begint te haperen. Overigens zou nu een economische groei van 6% vereist zijn (huidige groei is ongeveer 1%, vanwege structurele overcapaciteit), om alleen al aan de rentebetalingen (met een gemiddelde rente van 2%) te kunnen voldoen. Daarbij komt, dat de omloopsnelheid van het geld en de inflatie zich al tijdenlang in een structurele neergaande trend bevinden.

Elke verhoging van vooral ‘improductieve’ schuld, met name via toenemende fiscale begrotingstekorten (voor ‘infrastructuurprojecten’, wat als muziek klinkt in de oren van politici!), leidt nu automatisch tot structureel nog minder economische groei (‘het negatieve multiplicatoreffect’), na een korte periode van opleving. De echte ‘oplossingen’ zijn echter de afschrijving en kwijtschelding van improductieve schuld (‘Debt Jubilee’), zoals de Bijbel en de Soemerische kleitabletten destijds suggereerden, na elke 50 jaar.  Of een omruiling van schuld tegen aandelen (‘Debt for Equity Swap’), waarbij bezit uit handen wordt gegeven. Of het verlokkende concept van ‘helikoptergeld’, dat binnen bepaalde perken zou moeten worden gehouden om hyperinflatie te voorkomen.

Maar onderschat het effect niet van deze verschillende ‘oplossingen’. Elke schuld is het bezit van de ander. Kwijtschelding of herstructurering daarvan leidt onherroepelijk tot de ineenstorting van het huidige kredietsysteem. Voor zover er dan nog krediet verleend wordt, moet men bedacht zijn op woekerrentes, zolang het vertrouwen in de debiteur de bodem is ingeslagen. Duizenden noodlijdende spookbedrijven worden tegenwoordig al bestuurd door de banken, na regelmatige Debt for Equity Swaps, tot ze omvallen. ‘Helikoptergeld’ is niets anders dan een fiscale stimulering van overheidswege, die gefinancierd wordt met obligaties, die door de Centrale Bank worden opgekocht. Dat vindt overal al plaats, maar wordt in toom gehouden door het benodigde begrotingsbeleid. De Centrale Banken kunnen zelf wettelijk geen ‘helikoptergeld’ tevoorschijn toveren, zonder goedkeuring van de volksvertegenwoordiging. Tot op zekere hoogte, kunnen de ECB en de Bank of Japan (niet de Amerikaanse FED), obligaties van lagere kwaliteit opkopen, wat moet worden beschouwd als een subsidie aan obligatiehouders. Bij een eventueel faillissement, is er sprake van een redding (‘bailout’) door de belastingbetaler. Centrale Banken hangen dit met opzet natuurlijk niet aan de grote klok.

Maar heeft een ‘eenmalige’ kwijtschelding van schuld of ‘Debt Jubilee’ niet het voordeel, dat de wereld opnieuw met een schone lei kan beginnen? Conventionele kwantitatieve verruiming (‘QE’) bevoordeelt voornamelijk de bezitters van activa (de top 1%), via het ‘vermogenseffect’, maar een ‘eenmalig’ bedrag voor iedereen, inclusief de top 1%, (‘People’s QE’), dat de schuld verlaagt voor debiteuren en een vergoeding inhoudt voor crediteuren, lijkt praktisch haalbaar. Toch is de kans daarop, net zoals een minimuminkomen zonder een vervanging van het systeem van uitkeringen, vrij klein. Zelfs in het met schuld overladen Japan, verschijnt dit, na 25 jaar van deflatie, niet op de politieke radar.

Veel waarschijnlijker is, dat de natuur haar werk zelf wel doet. Op het hoogtepunt van de Japanse kredietcyclus, 25 jaar geleden, vormde krediet 40% van de totale vraag. Inmiddels is dat minus 2%! Dit is een verrassing voor vele economen, die ervan uitgingen, dat kredieten en bestedingen elkaar opheffen. Maar in de praktijk leidt de uitgifte van leningen tot geldcreatie, want de banken hebben geen ‘kapitaal’ om uit te lenen. Vele boeken over de economie zijn allang rijp voor de schroothoop! Sinds de kredietcrisis van 2008, is de priveschuld (ex-staatsschuld) als percentage van de economie in vele landen aan het inkrimpen (in Groot-Brittannie bijvoorbeeld van 200% naar 170%. Dat was 60% in 1980!). Krediet als percentage van de totale vraag is nu ver beneden het niveau van 8 jaar geleden en verklaart o.a. de algemene economische stagnatie. Dit kredietinkrimpingsproces duurt nog decennia. Behalve als de economische depressie, vanwege een ‘echte’ kredietcrisis, toch toeslaat. Dan is geleidelijke schuldsanering verleden tijd en wordt abrupt schoon schip gemaakt. Zeg nooit nooit!

Maar is er geen verlichting van de zich ophopende schuldenlast mogelijk, zonder een ouderwetse economische depressie? Het strenge corset van een Gouden Standaard is, generaties geleden, terzijde geschoven en vervangen door ‘onbeperkt’ Fiatgeld (‘geld uit het niets’). De vindingrijkheid van de mens, met name op financieel gebied, kent immers geen grenzen. Hoe kan men de steeds oplopende overwaardering en de veralgemeende ‘verkeerde’ prijszetting van financieele en reeele activa van tegenwoordig anders verklaren? Fundamentele oorzaken daarvoor zijn ver te zoeken. De instorting van de grondstoffenprijzen in de laatste 8 jaar met liefst 60% (CRB-index zakte in van 458 naar 181), lijkt aan te geven, dat de wereldeconomie ernstig in het slop zit.

Misschien begint het te dagen, dat Centrale Banken druk bezig zijn om zich de markten toe te eigenen (‘cornering the markets’), zodat acute schaarste aan bepaalde activa ontstaat, waardoor de prijzen wel de pan uit moeten rijzen! Misschien is hier sprake van een wereldwijde, gigantische permanente omruiling van schuld naar activa (‘Debt Equity Swap’) via de nationalisatie van de markten: de activa van een Centrale Bank bestaan immers uit ‘onbeperkt’ kasgeld (‘fiat money’) en reserves. Dit zou betekenen, dat schuld elke dag permanent verdwijnt, naarmate Centrale Banken obligaties blijven aankopen en deze transacties nooit terugdraaien. Bovendien lijkt de aankoop van staatsobligaties op niets minder dan een permanente verkleining van de openbare obligatiemarkt. Deze staatsschuld is immers niets anders dan een verplichting tussen twee onderdelen van de overheid, de schatkist (‘Treasury’) en de Centrale Bank en kan dan worden weggestreept.


Geen wonder, dat de instituten, zoals pensioenfondsen en verzekeraars, die in deze markt moeten blijven opereren, genoegen moeten nemen met steeds oplopende topwaarderingen! Als een Centrale Bank de meerderheid van het schuldpapier eenmaal in bezit heeft, dan is de openbare markt daarvoor praktisch uitgeschakeld en komt de verhandelbaarheid in het geding. De Centrale Bank is dan de markt en kan tenslotte overgaan tot een gedwongen omruiling (swap) van de overblijvende stukken, waardoor de schuld in rook opgaat. Eenvoudiger kan het niet! Heeft zo’n conversie ook niet eerder plaatsgevonden in 1951 met de oorlogsschuld van de Amerikaanse Treasury via de Treasury - FED Accord?


(Zie pagina 233)

Helaas zullen de meeste landen, in de praktische realiteit, toch niet kunnen ontkomen aan jarenlang zwoegen onder het juk van hun excessieve schuld. Talloze landen zullen kiezen voor een vorm van faillissement. Dat is nog eens andere koek dan de kredietcrisis van 2008!

Zo kreeg Groot-Brittannie een miljardenlening van Amerika in 1946 (the Anglo-American Loan Agreement) om het hoofd boven water te houden, die pas na 60 jaar kon worden afbetaald. Ondertussen worden haar schulden, o.a. opgelopen tijdens de Zuidzee Bubbel van 1720 en de Eerste Wereldoorlog, nog steeds gedeeltelijk geherfinancierd en verlengd. Schuld ‘verdwijnt’ in de praktijk nooit, ookal helpt inflatie vaak mee om die te verlichten. De Britse mentaliteit (‘grin and bear it’), in tegenstelling tot die van talloze banenrepublieken, was historisch altijd geneigd om uiteindelijk aan alle verplichtingen te voldoen, zelfs in het licht van de grote offers, die moesten worden gebracht. Misschien is dat echter niet eeuwig vol te houden onder druk van het nieuwe populisme.

Zelfs Duitsland heeft uiteindelijk haar schulden van de Eerste Wereldoorlog, als deel van het beruchte Verdrag van Versailles, in 2010, na 92 jaar, afgelost. De geschiedenis leert ons dus, dat sommige landen er zeer veel voor over hebben om hun kredietwaardigheid, op lange termijn, veilig te stellen en uiteindelijk het in gebreke blijven met terugbetalingen willen voorkomen.

Verder treden Centrale Banken op als actieve kopers van aandelen, als onderdeel van hun stimulerings- of valutabeleid. De Bank of Japan is reeds grootaandeelhouder bij 90% van de Nikkei 225 index. De Zwitserse Nationale Bank (SNB) bezit onder meer Apple Computer ter waarde van een miljard. De ECB staat te trappelen om de ‘goedkope’ Europese aandelen een steuntje in de rug te geven en het groene licht daarvoor is een kwestie van tijd. De aankoop van Europese bedrijfsobligaties was de eerste stap. Overigens zijn talloze bedrijven zelf, ook heel actief met de eigen, al of niet gefinancierde, aandeleninkoop. Goed voor de bonus! Geen wonder, dat de massa van particuliere beleggers dit met lede ogen aanziet en straks wellicht alle voorzichtigheid laat varen om de boot niet te missen. Wat een perfecte herhaling van de ‘Great Gatsby’ en het 1927 - 1929 scenario van een algemene beurshausse en een daarop volgende Crash!

Wat is de wereld daarom aan het afglijden naar een ‘Alice in Wonderland’ - niveau, terwijl de economie zulks niet rechtvaardigt. Integendeel, dit monetaire bubbelbeleid zal de economische groei niet versnellen. Naast de krediet- en demografiecrisis in de ontwikkelde landen, blijven de grote sprongen in economische ontwikkeling van vroeger, zoals de auto-industrie, achterwege. Voorlopig lijken recente innovaties, zoals robotisering en digitalisering, juist te leiden tot banenverlies. De zogenaamd veelbelovende Opkomende Markten krijgen hiermee ook te kampen, waardoor de verwachte bloei van een nieuwe consumentensector aldaar, op de lange baan zal worden geschoven.

De buitengewone hefboomwerking van excessieve schuld bij economische stagnatie, belichaamd door de onzichtbare, uit de hand gelopen, gigantische derivatenberg, is als een raceauto zonder remmen. Tegelijkertijd zorgt de toenemende vergrijzing in de ontwikkelde landen ervoor, dat deze raceauto in zijn achteruit wordt gezet!  De Big One ligt op de loer. Want dit door Frankenstein geschapen schuldenmonster loopt dan vrij rond en zal uiteindelijk alles, wat los en vast zit, aftuigen. Dus de schijnbaar grootscheepse verdoving van de marktwerking door de Centrale Banken zal niet kunnen voorkomen, dat de wereld opeens wakker wordt met de ergste kwetsbaarheidskater ooit, ookal duurt het misschien nog jaren, voordat het zover is.

Wat nu? Welnu, zorg, dat je erbij bent, zult u als advies krijgen van uw vriendelijke bankadviseur. Koop alles, zo grootschalig mogelijk, met krediet. Want dit is je kans om te profiteren van de ongelofelijke topwaarderingen, waarvoor de Heren der Centrale Banken zullen zorgdragen. Praktisch geen risico, want men vaart in het kielzog van hun speedboot (‘riding their coattails’). Maar mijn advies is om niet het hoofd op hol te laten slaan. Er is een ongekende afgrond aan de horizon, waar men zich nu al op moet voorbereiden. Doe alleen mee, met mate, zonder krediet, doormiddel van een gespreide portefeuille van kwaliteitsobligaties en aandelen van topondernemingen, die in een beursmalaise altijd wat waard zullen zijn (liever geen beleggingsfondsen en ETF’s, maar rechtstreeks), met de nadruk op Amerikaanse Treasuries en Dollars als kasgeld en wat Fysiek Goud als verzekering, ongeacht de marktprijs. Los uw hypotheek versneld af en woon in een huis, dat nooit ‘onder water’ kan komen te staan. De toekomstige woonlasten, dankzij een overheid, die om geld verlegen zit, worden al akelig genoeg. Zorg er ook voor, dat u het een en ander in huis hebt, want het normale leven, waaraan men gewend is, lijkt straks niet meer vanzelfsprekend. Denk terug aan de barre tijden van de jaren ‘30 en ‘40. Uw grootouders deden daarover liever er het zwijgen toe.


DIEDERIK SCHMULL


2 Augustus, 2016
WESTCLIFF-On-SEA, Essex, U.K.

@@@

donderdag 7 juli 2016

NIETS BLIJFT MEER BIJ HET OUDE


NIETS BLIJFT MEER BIJ HET OUDE

De markten schreeuwen al enige tijd luidkeels, dat er een systeemcrisis opdoemt. Als het Grote Geld vlucht naar veilige havens, zoals soliede staatsobligaties met rendementen, die totaal instorten, dan is er iets goed mis. Het Grote Geld heeft allang de hoop op rendement opgegeven en is er nu uitsluitend op uit om, desnoods met verlies, kapitaal veilig te stellen. Staatsobligaties ter waarde van bijna $ 9000 miljard plus bedrijfsobligaties ter waarde van $ 3000 miljard, vertonen nu een negatief rendement! Tegelijkertijd glijden de koersen van de bankaandelen weer op grote schaal uit.  Dit is een teken, dat het financieele systeem onder gruwelijke druk staat. Slimme beleggers nemen deze waarschuwende boodschappen van de markten ter harte en bereiden zich voor op een wereld, waar niets meer bij het oude blijft.


De, nog onbekende, details van die nieuwe wereld zijn puur nattevingerwerk. Maar de toekomst werpt, historisch gezien, haar schaduw vooruit via het geheel van vraag en aanbod. De schijnbaar almachtige beleidsmakers en Centrale Bankiers, met hun neiging om de markten te beinvloeden, zijn uiteindelijk volkomen machteloos bij een catastrofale, financieele dambreuk. Zo’n dambreuk komt steeds naderbij, naarmate excessieve, improductieve schuld stijgt en economische groei stagneert. In het geval van een economische recessie, is het hek helemaal van de dam!

Na Brexit, wat uiterst deflatoir is, lijkt de periode van superlage en negatieve obligatierendementen, zelfs na 35 jaar van daling, vreemd genoeg, pas in de kinderschoenen te staan. Een expansief monetair beleid bij alle Centrale Banken (zelfs bij de FED?), wat rendementen verder naar beneden drukt, wordt voorlopig standaard. Bovendien is het verschil in rendement tussen de 2-jarige en 10-jarige Treasury in 9 jaar nog nooit zo gering geweest (‘afvlakking van de rendementscurve’). Een teken van recessie? De boodschap van de markt is meer dan ooit, dat de economische wereldgroei, na Brexit, nog meer zal tegenvallen, terwijl de winstgroei van bijvoorbeeld de S&P 500 aandelenindex, reeds gedurende de laatste 4 kwartalen het heeft laten afweten. Aandelen en Onroerend Goed, pas op!

De voorafgaande 60 jaar werden gekenmerkt door wederopbouw, geboortegolf, globalisering, vrijhandel, consumptiecultuur, exponentieele kredietexpansie, democratisering en inflatie. De komende 60 jaar kunnen daarvan het tegenbeeld zijn, waarbij de dromen van vroeger worden weggevaagd. Een stadium van deflatie, protectionisme, stagnatie, vergrijzing, kredietschaarste, langdurige soberheid en meer autocratie, doemt op.

Als een donderslag bij heldere hemel, kwam Brexit dus zomaar uit de lucht vallen net zoals de schijnbaar kansloze presidentskandidatuur van Donald Trump. Ondanks alle signalen, waaraan de meeste beleidsmakers besloten voorbij te gaan, lijkt de toekomst opeens veel minder voorspelbaar dan ooit. Onzekerheid troef! De meeste super-traders van de financieele sector zagen dit niet aankomen en verloren honderden miljarden. Het rendement van de 10-jarige Britse staatsobligaties (Gilts) is in een week na het referendum, met 40% ingestort naar een record laagtepunt en de hoogste waardering ooit. Het rendement is vooralsnog positief, in tegenstelling tot dat van de 10-jarige staatsobligaties van Duitsland (Bunds) en Japan (JGB), welke negatief is, net zoals dat van de 50-jarige (!) Zwitserse staatsobligatie. Maar het Pond Sterling tegenover de Dollar zakte in, naar een 31-jarig laagtepunt, waardoor de 184-jarige neergaande trend in deze valuta, vanwege het grote tekort op de lopende rekening, weer definitief werd bevestigd.

Hoe nu verder, na de scheiding? Verder naar de toekomst kijken, lukt niet. Men zal nu in het begin, van dag tot dag, moeten leren leven. Er zijn voorlopig veel meer vragen dan antwoorden en een oneindig aantal mogelijke scenarios. Wel of geen Brexit (Exit Brexit), ondanks een onbevredigend referendum, met een verschil van 2%, waardoor de Britse verdeeldheid ernstig werd blootgelegd? Opeens begint het te dagen, dat velen bereid zijn om toch invoertarieven te betalen voor de toegang tot een markt in ruil voor eigen soevereiniteit en meer zeggenschap over immigratie. Er bestaan vaak belangrijkere zaken dan uitsluitend materieele. Politieke integratie binnen een gemeenschappelijke markt, is voor velen een brug te ver. Wie is eigenlijk het zinkende schip, de EU of Groot-Brittannie, met haar aanzienlijke EU-bijdrage (10 miljard Euro), zelfs na de destijds overeengekomen korting (‘rebate’)? Opvallend is, dat de export naar de EU, als percentage van de economie, van niet-leden van de EU, zoals Noorwegen, Ijsland en Zwitserland, met hun eigen handelsovereenkomsten, hoger is dan die van vele leden van de EU. Stel je voor, als Nederland, Zweden, Denemarken en Finland aanstalten maken om de EU ook vaarwel te zeggen?

Maar er staat wel een akelige, jarenlange, strijd voor de deur, waarbij de emoties hoog kunnen oplaaien. De tijd heelt alle wonden, maar er is meer voor nodig. Toch zijn de EU en Groot-Brittannie uiteindelijk beter af, wanneer beide partijen niet het gevoel krijgen teveel tekort te schieten. Verder zouden de schokken, veroorzaakt door Brexit, alleen maar verergeren, indien Groot-Brittannie niet de gelegenheid zou krijgen om het een en ander te heroverwegen. Het referendum was niet bindend, zoals in Zwitserland. Een tweede referendum met enige EU-concessies over immigratie, hoe onwaarschijnlijk dat nu ook lijkt, tegelijk met algemene verkiezingen, zou een andere uitslag kunnen geven en het financieele systeem kunnen stabiliseren. Bovendien hebben de kopstukken van Brexit, zoals Boris Johnson en Nigel Farage, het veld geruimd. Premier David Cameron, die verantwoordelijk was voor het houden van dit riskante referendum, wordt straks een gewone politicus. Waar zijn echter de staatslieden van formaat, zowel in de EU, als in Groot-Brittannie, die de komende onderhandelingen tot een bevredigend einde zouden kunnen brengen?

Het is intussen opmerkelijk, dat de Europese Commissie onder leiding van Jean-Claude Juncker, haar eerste nederlaag al heeft geleden. De handelsovereenkomst tussen Canada en de EU (CETA), die al in 2014 werd afgerond, kan er niet worden doorgejaagd door de Europese Commissie zelf. Deze overeenkomst moet officieel worden bekrachtigd door alle lidstaten van de EU, al of niet met parlementsgoedkeuring. Handelsverdragen zijn politiek zo gevoelig geworden, dat sluiting daarvan nu zeer tijdrovend is, terwijl er een grote kans bestaat, dat die in de vergeetput worden gegooid. Wat een uitdaging voor de onderhandelende partijen!

De experimentele droomprojecten van de Europese Unie en de Eurozone (28% van de wereldeconomie) staan op het spel. Het einde daarvan zouden Brexit (6% van de wereldeconomie) totaal in de schaduw stellen. Maar naarmate die steeds meer de richting opgaan van een superstaat, zal de onderlinge onenigheid alleen maar toenemen. Het vertrek van die lastige Britten geeft slechts tijdelijk soelaas. Het lijkt bijna een onmogelijke opgaaf om, bijvoorbeeld, veel toegeeflijkheid te verwachten tegenover de zwakke Europese lidstaten van de kant van het koppige Duitsland met haar gigantisch overschot op de lopende rekening. Probeer de cultuur van een natiestaat maar eens te veranderen! De grootste test voor Europa komt echter, zodra een wereldrecessie eindelijk weer eens toeslaat. Hoelang kan de ECB de ballen dan nog in de lucht houden? Houd ook rekening met de komende verkiezingen in de verschillende lidstaten. Met name die van Italie in 2018, waar de anti-Euro partij van Grillo, de Five Star Movement, steeds vaster in het zadel lijkt te zitten (burgemeesters in Rome en Turijn). De Eurozone heeft dus bananenschillen te over! Als men een beetje geld heeft, wordt een belang in Amerikaanse Dollars en Treasuries dus een bittere noodzaak.

Ondertussen staat Londen, dat overweldigend tegen Brexit gestemd heeft, in de kou. Brexit jaagt de internationale financieele sector de stuipen op het lijf. Er wordt al de mogelijkheid geopperd van een speciale status met een Londens visum. Wat al veel langer speelt, is echter het begin van het einde van de groei in financialisering, waarbij het belang van de financieele ten opzichte van de reeele economie steeds toenam. De enorme overcapaciteit in de financieele sector, wereldwijd, zal in de komende 10 jaar verdwijnen. De helft van de banken is gedoemd uit te sterven. Die trend zal door Brexit worden versneld.

Grootscheepse verplaatsing van de Londense sector (500,000 werknemers) naar andere steden, is onwaarschijnlijk, vanwege hoge kosten en het gebrek aan
talent en infrastructuur elders. Mocht 10% verhuizen, dan is er nog geen man overboord. Maar over 10 jaar is de financieele sector toch een schaduw van weleer, omdat de wereld is veranderd. De financieele bubbel is dan gebarsten. Wat Londen te wachten staat, lijkt echter wezenlijk verschillend van Montreal. Montreal heeft het sinds 1976 (Olympische Spelen), als zetel van de grootste Canadese bedrijven, moeten afleggen tegen Toronto, vanwege het felle Franse nationalisme, wat echter uiteindelijk niet leidde to onafhankelijkheid van Quebec (51% was tegen in 1995). Zelfs de Bank of Montreal verhuisde naar Toronto! Maar wat Londen nu overkomt, met een mogelijk levensgroot effect op de waanzinnig opgeblazen prijzen van onroerend goed (50% neerwaarts risico?), was ook gebeurd zonder Brexit. De gemiddelde prijs van een woning in Londen staat 20 keer zo hoog dan het gemiddelde inkomen per hoofd der bevolking. Na Brexit, lijkt die bubbel al naar de bliksem. Andere toplocaties, zoals New York, zullen later hetzelfde lot ondergaan.

Verder is weer eens aangetoond, dat onverantwoordelijke structuren bij beleggingsfondsen en ETF’s, voor onbepaalde tijd, kunnen leiden tot opschorting van uitbetaling. De bevriezing van opvragingen in de Britse (open-end) illiquide onroerend goedfondsen, ondanks de kasgeldbuffers, is een ramp, die stond te gebeuren. Onroerend goed hoort thuis in (closed-end), beursgenoteerde fondsen, die boven of beneden intrinsieke waarde staan. De verhandelbaarheid in talloze markten (bedrijfsobligaties!) wordt, om vele redenen, steeds droeviger, vooral tijdens een crisis. Daarom verdienen rechtstreekse beleggingen verre de voorkeur, behalve als het kapitaal te beperkt is. Vele gemeenschappelijke beleggingen zijn bovendien blootgesteld aan onzichtbare derivatenrisico’s, die dienen om het rendement op te krikken.

Inmiddels komt er voorlopig geen einde aan de overschotsituatie en overproductie van alle grondstoffen en de 8-jarige, neergaande trend in grondstoffenprijzen. Tussen 1999 en 2008 vond er een supercyclus plaats, voornamelijk gedreven door de investeringshausse in China, die heeft geleid tot massieve, kredietgedreven overinvesteringen in de mijnbouw. Het staat als een pijl boven water, dat de overproductie pas stopt bij aanzienlijk lagere prijzen, zodra talloze mijnen eindelijk in de mottenballen worden gelegd, vanwege een negatieve kasstroom (‘marginal cost’). De Thomson Reuters CRB Index is in 2016 weliswaar enigszins hersteld, maar staat nog 57% beneden het niveau van 2008. Een uiteindelijke daling van deze index in de orde van 90% is zeker niet ondenkbaar.

Alles wijst erop, dat een economische opleving, op korte termijn, slechts ijdele hoop is. Deze grondstoffenmalaise kan worden vergeleken met de decennia-lange, economische depressie, die volgde op de ongelofelijke spoorwegmanie in Amerika en Groot-Brittannie van 1840 tot 1847. Bent u voorbereid op structurele deflatie, met Dollar-kasgeld, Treasuries, Fysiek Goud als verzekering en een minimum aan schuld? Want de trend van de meerjarige devaluatie van de Chinese Yuan tegenover de Dollar (reeds een 6-jarig laagtepunt) is nu definitief ingezet. De uitbreiding van de dumpingpraktijken van Chinese goederen is niet meer tegen te houden. De Chinese overcapaciteit moet worden geexporteerd naar de rest van de wereld.


DIEDERIK SCHMULL

6 Juli, 2016                                                        WESTCLIFF-On-SEA, Essex, U.K.

@@@

donderdag 16 juni 2016

TUSSEN DE WAL EN HET SCHIP



TUSSEN DE WAL EN HET SCHIP

De Centrale Banken kunnen geen kant meer uit. Doorgaan op de oude voet of normalisering? Hoe dan ook, het maakt niets meer uit, want een harde landing ligt in het verschiet. Het onorthodoxe monetair beleid van de laatste 20 jaar heeft de instorting van het financieele systeem even kunnen uitstellen. Maar na 7 decennia van extreme, meestal improductieve, kredietexpansie en een toenemende reeele economische groeivertraging, lijkt dit absurde beleid van nul- en negatieve rente en van marktmanipulatie door de opkoop van allerlei activa, niet opgewassen tegen de natuurwet. Eb en vloed kunnen tijdelijk worden afgeremd, maar nooit worden tegengehouden. Hoelang is het massieve bedrog bij spaarders, gepensioneerden en verzekerden nog vol te houden? Of zijn besparingen voor toekomstplanning opeens voorgoed uit de tijd? Wat kunnen Centrale Banken nog verder bedenken, nu bijna al hun kruit is verschoten? Bij de beleidsmakers breekt het koude zweet uit, want de ultieme systeemcrisis staat geduldig haar opwachting te maken, ondanks hun schijnbaar eindeloze vindingrijkheid om het bestel overeind te houden. Er is geen twijfel mogelijk, dat de Centrale Banken opeens het bijltje erbij neer zullen moeten gooien. Dan is de Big One ophanden. De timing daarvan is totaal onbelangrijk.


Zelfs een periode van economische stagnatie, vergelijkbaar met die van Japan in de laatste 25 jaar, lijkt voor de rest van de wereld onaannemelijk. Japan heeft geluk gehad! Haar staatsschuld was in 1989 relatief laag en de financiering van de schuldexplosie sindsdien, werd voornamelijk verzorgd door de Japanners zelf. Verder kon Japan profiteren van een redelijke economische groei elders, door de Yen voortdurend te verzwakken. De vergrijzing kon worden opgevangen door de hoge welstand per hoofd der bevolking. Bovendien is de Japanse maatschappij vrij homogeen, vanwege beperkte immigratie. De rest van de wereld staat echter voor een veel grotere uitdaging. De totale wereldschuld, als percentage van de economie, is al historisch torenhoog (een record van minstens 240%). De vermogensongelijkheid lijkt ongeevenaard in de wereldgeschiedenis. Amper 62 mensen bezitten - op papier - evenveel als de helft van de wereldbevolking (3.6 miljard mensen). Dat was 5 jaar geleden nog 388! (Oxfam). Stel eens voor, hoe hoog de spanningen kunnen oplopen, als het ooit misgaat. Leef dus zo onopvallend mogelijk en laat nooit zien, hoeveel geld men heeft.

De Grote Klap, die korte metten maakt met de Status Quo, gaat vooraf aan een eventuele Nieuwe Wereldorde. Wat blijft er over van het verdeelde Europa en van de instabiele Eurozone? Of van China met haar tijdbom van excessieve schuld? Of van de overige, eens populaire, grondstofgevoelige BRICS (Brazilie, Rusland en India)? Als de Financieele Crisis van 2008 slechts een voorspel was van de Big One, dan zal de triomftocht van de Dollar en de Treasuries zich voortzetten. De massieve kapitaalvlucht uit de Euro en de Yen, met hun negatieve rentes, richting Dollar, neemt steeds grotere vormen aan. De internationale vraag naar Euro-obligaties en aandelen is in de laatste 1 ½ jaar ingestort en is thans negatief. Het opkoopprogramma van de ECB, wat dient om het Europroject staande te houden, loopt achter op de werkelijkheid en moet dringend worden uitgebreid. In navolging van de Bank of Japan, die grootaandeelhouder is geworden van de Nikkei 225 en zich daardoor ontpopt heeft als een gigantisch Hedge Fund. Desalniettemin is de Nikkei 225-index in het laatste jaar al met 20% gedaald! Ondertussen is de Eurostoxx 50-index in het laatste 1 ½ jaar al 25% naar beneden gekelderd, in tegenstelling tot alle verwachtingen van de ‘deskundige’ optimisten. Waar is de toverstaf van de ECB gebleven, als het effect van de laagste rente in 5000 jaar en de laagste obligatierendementen in 500 jaar, het af laat weten?

De Dollar, als percentage van alle valuta-reserves, is nog steeds 64% tegenover 70% in 1999. De Euro is sinds die tijd nagenoeg gelijk gebleven (20%), maar wel 5% lager dan voor de Financieele Crisis in 2008. Rond 60% van alle internationale obligaties en leningen luiden in Dollars, tegenover rond 20% in Euros en rond 3% in Yen. Internationale transacties in Dollars zijn in de laatste 5 jaar in de lift (van 30% naar 43%), terwijl de Euro als betaalmiddel in betekenis afnam (van 44% naar 29%). De (tot 1 October, 2016, niet-inwisselbare) Chinese Yuan neemt nog steeds slechts 2% van alle transacties in de wereld voor haar rekening. Misschien wordt de Yuan echter voorlopig niet inwisselbaar tegen de Dollar. Het einde van de wereldrol van de Dollar is dus nog lang niet in zicht!  Integendeel. De rest van de wereld probeert, met onderbrekingen, juist te devalueren ten opzichte van de Dollar om de economie op peil te houden.

Maar echt ‘gelddrukken’ is heel gevaarlijk (zie Venezuela!), want hyperinflatie verarmt de gehele binnenlandse bevolking. Bij een soort landenfaillissement (zoals verlenging van de afloopdatum van staatsobligaties) zijn voornamelijk de crediteuren de klos. Dit laatste wordt schering en inslag tijdens de volgende crisis, net zoals in de vorige Grote Depressie in de jaren ‘30. Dat is nog eens andere koek dan in 2008! Raad eens, wat aandelen, grondstoffen en kredietgedreven onroerend goed dan waard zijn! De handel stopt. Vandaar de onafgebroken vrije val in rendementen van soliede staatsobligaties, die nu ondenkbare waarderingen hebben bereikt en historisch de beste voorspellers zijn geweest van de toekomst. Die waarderingen wijzen op de komende Grote Klap, gepaard gaande met een hele reeks van ‘onverwachte’ faillissementen, die de economie en de politiek van de wereld onherkenbaar zal veranderen. Wees voorbereid!

In een wereld van blinden, zijn voorlopig de eenogigen, namelijk Kasgeld in Dollars en Amerikaanse Treasuries, Koning. Er is zo’n enorm tekort aan Treasuries, benodigd als onderpand voor Derivaten en Krediet, dat het rendement van de 10-jarige (1.60%) op weg is naar MINUS 1%! Het rendement van de 15-jarige Japanse staatsobligatie (JGB) en die van de 10-jarige Duitse Bund zijn reeds negatief voor het eerst ooit. Maar eindigt niet al het ‘papiergeld’, zonder enige discipline en zonder enige dekking van tastbare activa, zoals Goud of Zilver, als waardeloos op de schroothoop? Sinds 4200 voor Christus, hebben immers 639 valuta’s dat trieste lot moeten ondergaan. Het tempo van de ondergang van die valuta’s verschilt echter aanzienlijk. De laatste keer, dat Amerikaans geld waardeloos werd, was 235 jaar geleden, toen de onbeperkte uitgifte van de Amerikaanse Continentals de strijd om Amerikaanse onafhankelijkheid financierde. Dat was de ‘oorlogsbelasting’ van destijds.

Sindsdien volgden verschillende vormen van een Goudstandaard, wat echter in 1971 moest worden beeindigd. De Dollar werd toen ‘fiatgeld’, zonder dekking, dat af en toe weliswaar in opspraak kwam door een inflatiecyclus, maar uiteindelijk toch steeds, als ‘s werelds reservevaluta, hardnekkig werd verdedigd (door bijvoorbeeld 20% rente in 1981). Deze historische, niet aflatende vastberadenheid is deel van de Amerikaanse cultuur, ongeacht de benodigde offers, wat wezenlijk verschilt van de meeste andere culturen. Daarom lijkt de Dollar de laatste rots in de branding, zolang de Amerikaanse hegemonie relatief in tact blijft en de rest van de wereld verder wankelt. Soms lijkt het, dat Amerika de rest van de wereld niet meer naar zijn hand kan zetten, maar bij de volgende wereldwijde economische crisis, is er geen enkel ander land, dat kan optreden als de geldschieter in laatste instantie (‘lender of last resort’), net zoals dat het geval was in 2008 (valuta-swaps van de Federal Reserve met 14 Centrale Banken over de gehele wereld). Reken dus op een opmerkelijke versteviging van Amerika’s positie in de wereld en dus de Dollar, na de volgende Grote Klap. De Euro, als valuta zonder land, overleeft die niet. De Europese Commissie (het ‘Politburo’) van de Europese Unie (28, voornamelijk ‘straatarme’ leden) evenmin.

Overigens is de koppeling van een valuta met bijvoorbeeld Goud en Zilver nooit bestendig gebleken. Zo’n gedwongen discipline van de geldhoeveelheid werd regelmatig verlaten, als de omstandigheden daartoe aanleiding gaven. Toch lijkt er weer een belangrijke rol voor Goud weggelegd in een nieuw monetair systeem, na de Grote Klap, om het vertrouwen in het financieele systeem te herstellen. Dat heeft de geschiedenis bewezen. De mensheid heeft historisch bijna altijd gekozen voor Goud en elke andere vlieger, zoals SDR’s (Speciale Trekkingsrechten van het IMF), ging nooit op. Dus wat Fysiek Goud verdient deel uit te maken van een vermogen, als verzekering, ongeacht de prijs. Goud is zo schaars in verhouding tot de wereldliquiditeit, dat de Fysieke Goudhandel op den duur niet meer vanzelfsprekend zal zijn. Praat er daarom nooit over. De Centrale Banken zelf doen daarover ook geheimzinnig en velen bezitten waarschijnlijk meer Goudcertificaten dan Fysiek Goud. Wat kennelijk aantrekkelijk is voor Centrale Banken (Goud, niet Zilver), moet dus ook aantrekkelijk zijn voor de slimme particulier. De ‘manipulatie’ van de Goudprijs (via de Futures) moet men op de koop toe nemen. Dus niet wakker liggen, als de Goudprijs ooit weer eens daalt met 50%. U zou uw schilderij van Rembrandt toch ook niet verkopen? Goud is misschien nog wel mooier om naar te kijken.

Na de laatste Grote Klap, zo’n 9 jaar geleden, heerst er onterecht een stemming van gezapigheid, omdat de Centrale Banken er voor hebben gezorgd, dat de opgepompte prijzen van activa hoog bleven, wat er ook gebeurde ( de ‘Put’ van de FED). Maar pijn kan niet eeuwig uit de weg worden gegaan, waardoor gezapigheid steeds riskanter wordt. Gaat men wat verder terug in de geschiedenis, dan hebben de Centrale Banken af en toe wel degelijk door de zure appel heen moeten bijten, zodra zij de macht over het stuur kwijtraakten, met alle gevolgen van dien. Velen beschouwen hen al als ‘spoken’ (‘zombies’)! Waarom zou een ‘normalisering’ van de rente naar bijvoorbeeld 3% niet opeens zomaar uit de lucht kunnen komen vallen? In ieder geval kan dan de rente weer worden verlaagd bij de volgende recessie.

Helicoptergeld? Uiterst riskant en illegaal. Een wetsverandering kan jaren duren. Nog negatievere rente? Het averechtse effect is nu duidelijk. Nog meer kwantitatieve verruiming (QE)? Het effect daarvan is steeds verminderd. De Super-QE (QQE) van de Bank of Japan (BOJ) heeft uiteindelijk weinig uitgehaald voor de aandelenmarkt.

De meeste waarnemers zijn van mening, dat de Amerikaanse Federal Reserve bluft, door meerdere rente-stijgingen in het vooruitzicht te stellen. Deze ‘verkrapping’ van het monetair beleid zou net zo voorbarig zijn als in 1936 tot 1937, welke het economisch herstel, sinds het dieptepunt van de depressie in 1933, destijds in de kiem smoorde. Tussen Mei, 1937 en Juni, 1938, beleefde Amerika een grote economische krimp van 9%, een productiedaling van 40% en een instorting van de aandelenmarkt van liefst 50%. Groothandelsprijzen raakten weer in een vrije val van 11%. Maar wie herinnert zich nog de gebeurtenissen van 80 jaar geleden? De geschiedenis leert ons juist, dat elke generatie vervalt in dezelfde ‘fout’ uit het verleden. Was het maar zo, dat men lering trok uit het verleden! De realiteit is, dat elke generatie het beter meent te weten dan de vorige.

Opvallend is, dat de BOJ verrassenderwijs al reusachtig veel gas heeft teruggenomen in haar monetaire stimuleringen, met pijnlijke gevolgen voor de Aziatische markten, terwijl de Yen omhoog is geschoten. De Yen (en de Euro) worden door de Grote Speculanten geleend (‘goedkoop’) voor hun hefboomspelletjes, dus er gaan er weer velen voor de bijl! (Als men leent in een bepaalde valuta, is men ‘short’, en moet men ‘indekken’, als die niet daalt). Maar zodra de Grote Speculant weer is uitgekleed, dan kan men een aanzienlijk lagere Euro en Yen verwachten tegenover de Dollar.


Er zijn wel degelijk grenzen aan de opkoop van activa door een Centrale Bank. De activa op de balans van alle Centrale Banken, thans ter waarde van 25% van de gehele wereldeconomie, moeten ook weer eens ‘teruggedraaid’ worden. Dat is een zwaard van Damocles, die boven ons hoofd hangt. Het zal een generatie duren om over die pijn heen te komen! De les van de ‘pijn’ van 1981 ( 20% rente, 2 achtereenvolgende recessies en een forse schuldensanering) is juist, dat er daarna weer een langdurige periode van economische groei mogelijk wordt, net zoals die tijdens de jaren ‘80 en ‘90. Een crisis, hoe angstig ook, werkt louterend en is een voorwaarde voor een nieuwe welvaartsfase. Zonder een chirurgische ingreep, wordt een ziek mens nooit beter.


DIEDERIK SCHMULL                                                                             16 Juni, 2016

Westcliff-On-Sea, Essex, U.K.

===