Translate

dinsdag 14 juli 2015

SALTO MORTALE!


SALTO MORTALE!

Salto Mortale! Telkens lijken sommige circusartiesten de grenzen van hun salto’s aan de vliegende trapeze te kunnen verleggen. Toeschouwers houden hun adem in voor schijnbaar nog nooit vertoonde salto’s. Maar aan alles is een grens en daarom is er een vangnet als die grens wordt overschreden. Zowel de Eurozone als China hebben onlangs huiveringwekkende salto’s laten zien, maar men kan terecht eraan gaan twijfelen of de autoriteiten in staat zijn om een effectief vangnet te spannen. Want het is toch overduidelijk, dat de wereld nu de nadagen beleeft van de zoveelste monetaire unie (de 150ste!) van ongelijksoortige culturen en van het zoveelste kaartenhuis, dat werd gebouwd met zogenaamd onbegrensde schuld. De ernst van de afloop van deze ontwikkelingen wordt door de meesten voorlopig nog genegeerd, omdat er nog blindelings vertrouwd wordt op het schijnbaar almachtige monetaire beleid van de Centrale Banken.


Als Griekenland, met een nog ondraaglijk hogere schuld in de komende 3 jaar, zonder zelfs enige schuldsanering (‘illegaal reddingsplan volgens het EU-verdrag!’), de Euro nu nog niet de das omdoet, dan zijn er nog genoeg andere hele zwakke medebroeders, die geduldig hun opwachting maken voor hun eigen drastische lastenverlichting. Deze tijdbom zal zeker ontploffen, want elke monetaire unie, zonder politieke eenheid en uniforme cultuur, is in het verleden uiteindelijk gesneuveld. De economische en politieke gevolgen voor een lidstaat, die niet in het gareel loopt of kan lopen, zijn op een gegeven moment ernstiger binnen zo’n unie, dan daarbuiten. Het einde van de Goudstandaard in de jaren ‘30, bijvoorbeeld, was een zegen voor de economie. Het barsten uit elk monetair korset leidt tot een hoop opluchting. Daarom zou Grexit voor Griekenland zoveel beter kunnen zijn, mits de externe Euroschuld tot sint-juttemis kan worden uitgesmeerd (honderden jaren, zoals de schuld van de Zuidzeebubbel).

De Euro, als tweede reserve-valuta van de wereld (22% van de valuta-reserves, terug van 27%), is aanzienlijk riskanter geworden. De Europese Centrale Bank blijkt haar rol als geldschieter in laatste instantie, om politieke redenen, niet te kunnen vervullen. Het bankwezen van elke lidstaat kan zomaar de nek worden omgedraaid. Zo’n monetaire unie, waar niemand voor elkaar wil of mag opdraaien (‘no bail-out clausule’!), is echt geen lang leven beschoren en zal de volgende wereldrecessie (de echte!) niet kunnen overleven. Zelfs haar voorganger in de jaren ‘90, de Exchange Rate Mechanism (ERM), bleek slechts een tijdelijke regeling, waarbij het Britse Pond het, ondanks alle plechtige ontkenningen, al spoedig voor gezien hield. Wat meteen het einde betekende van de recessie in Groot-Brittannie!


Er is helemaal geen akkoord over Griekenland! Wie hecht nog enige geloof aan de uitspraken van politici? Het bankwezen is naar de knoppen, met het grootste gedeelte van hun leningportefeuille in gebreke. Aandeel- en obligatiehouders, alsmede alle rekeninghouders, kunnen straks fluiten naar hun geld, want er is geen geld voor het deposito-garantiestelsel. De herkapitalisatie van de banken zou afhankelijk zijn van het verguisde privatiseringsprogramma, dat in een deflatoire depressie nooit kan functioneren. Intussen worden belastingen niet meer betaald, noch enige rente en aflossing op uitstaande leningen en zijn kapitaalcontroles voor onbepaalde tijd van kracht, binnen de Eurozone. De chaos is pas begonnen. Bovendien had Duitsland, de olifant in de kamer, duidelijk haar zinnen gezet op uitstoting (‘timeout’!) van Griekenland (‘om te beginnen’!), maar heeft dat proces waarschijnlijk even uitgesteld onder druk van Amerika, om geopolitieke en andere redenen. Nu kunnen de Amerikaanse hedgefunds nog even van hun Griekse gokpapieren af (want de kans op ‘Grexit’ was immers, volgens de gemiddelde financieele expert, hoogstens 20%!), voordat ook dit quasi-akkoord roemloos ten onder gaat. Wat zonder meer ook de stilzwijgende wens lijkt van Duitsland. Pas op, Duitsland wil af van al die andere lastige lidstaten binnen de Eurozone, die een totalitaire Groot-Duitsland in de weg staan. De grote Europese facade is niet meer.

Belangrijker is de nu openlijke scheiding der geesten tussen de twee peilers van de Eurozone, Frankrijk en Duitsland. Frankrijk is als de dood, dat de financieringskosten op haar staatsschuld weer zouden stijgen, vanwege een eventuele Grexit. De totale prive- en staatsschuld is nu een gigantische 280% van het Bruto Nationaal Product, 66% hoger dan in 2007. Het jaarlijkse Franse begrotingstekort dateert al sinds 1974! Verder lijkt ook Italie er steeds meer genoeg van te hebben. De totale prive- en staatsschuld is nu 259% (+55% sinds 2007) en haar begrotingstekort is 4.2% van het BNP. Afgezien van alle ongefinancierde pensioen- en andere verplichtingen! De economie van Italie is nog steeds 10% beneden die van 2007. Dit zijn geen tijdelijke, maar structurele uitdagingen, want beide landen zaten, voor de recente Euro-devaluatie, opgescheept met een overgewaardeerde Euro van tegen de 20%. Toch zal deze devaluatie het Europroject niet kunnen redden. De tijd dringt!

Het funeste van het Europroject is de trend naar toenemende dirigistische regelgeving en bureaucratie, waardoor de rol van Europa in de wereld steeds onzekerder wordt. Economische stagnatie is troef. Zuidelijk Europa is allang structureel niet concurrerend te krijgen en Noordelijk Europa weigert eenvoudigweg om, met haar beschamend hoge besparingen en overschotten op de lopende rekening, op te treden als locomotief van geheel Europa. Verder kan men niet langer om de vergrijzingsproblematiek in de komende decennia heen. Daarnaast gooien wanhopige migranten olie op het vuur, terwijl de oorlogen in het Midden-Oosten pas lijken te zijn begonnen. En niet te vergeten, de alarmerende gang van zaken in Oost-Europa. Als de olieprijs uiteindelijk terugvalt naar de marginale kostprijs ($10.- tot $ 20.-), wordt de Russische Beer, die zich flink herbewapent (net zoals China), pas echt gevaarlijk.


Maar China’s noodlottige harde landing stelt natuurlijk alles in de schaduw en is vreselijk voor de gehele wereld. Haar torenhoge totale schuld als percentage van de economie (300%+) en haar deflatie in groothandelsprijzen, blijken nu, tegen de verwachting van de arrogante autoriteiten in, niet te kunnen worden ‘verlicht’ door een kunstmatige, op aandelenkrediet gebaseerde (35% van haar BNP!), beurshausse. Het gehele Chinese beurswezen is in wezen, op unieke wijze, buiten werking gesteld! Elk beursherstel is nu tijdelijk. Aandelenverkopers riskeren arrestatie. Onderschat het effect daarvan niet. Opeens staat de internationale liberalisering van de Renminbi op losse schroeven. Een forse devaluatie is nu niet ondenkbaar meer, want de valuta-oorlog van Japan, de Eurozone en Zuid-Korea schreeuwt om een antwoord. De Chinese export van deflatie en overcapaciteit zal de wereld overspoelen. Het concurrentie-vermogen van de kwaliteitsproducten van bijvoorbeeld Duitsland zal dan ernstig worden aangetast, tenzij de Euro nog eens een flinke veer laat. Voor de orthodoxe lidstaten van de Eurozone, die hadden gerekend op een stabiele valuta, vergelijkbaar met de Deutschmark,  is een dergelijke ontwikkeling een toenemende gruwel. De animo voor het Europroject neemt bij hen dan zienderogen af.

De wanhoopsfase is duidelijk aangebroken. Alles wordt uit de kast gehaald om een beursinstorting, zoals die in China, in de rest van de wereld te voorkomen. De deflatoire krachten, aangewakkerd door de torenhoge wereldschuld als percentage van de economie, zijn echter zo sterk, dat vele hoogmoedige Centrale Banken, onder aanmoediging van de financieele belanghebbenden, niets liever zouden willen dan ook zo’n kunstmatige beurshausse tevoorschijn te toveren. ‘Slecht’ nieuws is immers ‘goed’ nieuws, want inflatie en rente blijven laag. En de Japanse beursinstorting van 1989 had toch ook weinig invloed op de rest van de wereld? Het internationale monetaire beleid bleef daardoor soepel. Wees dus blij om deze ‘tijdelijke’ terugslag in China. Dan kunnen de ‘insiders’ immers hun stukken kwijt aan de onnozele massa, die, bij de daarop volgende Crash, weer een hoge prijs moet betalen. De overgrote meerderheid van beleggers zal deze boot niet willen missen en rekent erop om tijdig het zinkende schip te kunnen verlaten. In werkelijkheid, zullen de meesten dan weer uiteindelijk met 80% het schip ingaan!

In deze tijd van ultrasnelle handel via flitscomputers (¾ van de beursomzet) echter, lijkt het risico van een Crash veel groter. Zelfs in China, waar particuliere speculanten nauwelijks 5% van de beleggingen uitmaken (tegenover 55% in Amerika) en waar de autoriteiten toch alles ‘onder controle’ zouden hebben, zag men geen Crash opdoemen, ondanks een 200% stijging in amper 18 maanden. Wie weet, moet men de mythe laten varen, dat een Crash uitsluitend plaats vindt, nadat het Grote Publiek zijn hoofd verliest. Hebben de Centrale Banken echt wel alles ‘onder controle’? De Zwitserse Nationale Bank bezweek toch onlangs, totaal onverwacht, onder de druk van de Euro-koppeling? Een beleggingsbeleid baseren op het vermeende monetaire beleid lijkt, op den duur, de dwaasheid ten top.


De schuldencrisis loopt pas ten einde, als er sprake is van drastische, niet symbolische, schuldsanering en herstructurering. Het ligt echter in de menselijke natuur om zoiets zo lang mogelijk uit te stellen en net te doen, alsof je neus bloedt. Zelfs bij een klein land, als Griekenland. Want elke Euro, die nog op de boeken staat, heeft een veelvuldige hefboom, vooral via derivaten, dus de potentieele pijn kan veel groter uitvallen dan verwacht. Dat toont aan, dat de Eurozone, als geheel, eigenlijk al failliet is, want haar financieele sector (500% van de economie tegenover 100% in Amerika) kon nog niet worden geherkapitaliseerd (onofficieele kosten minstens: $ 3000 miljard, oftewel 20% van het BNP). Ondertussen heeft het Europese bankwezen ook nog eens zo’n $ 9000 miljard (in geleende Dollars!) uitgeleend aan de Opkomende Landen, die verder wegglijden, vanwege de voortgaande instorting van de grondstoffenprijzen. Daarom is een harde landing in China zo gevaarlijk. Afgezien nog van de onvermijdelijke herkapitalisaties van het IMF en vele Centrale Banken zelf! Zonder een positief eigen vermogen is het immers einde verhaal. In 1934, ging bijna geheel Europa failliet, na 10 jaar van halve maatregelen. Dus laten de liefhebbers maar feestvieren en zelfs nog een beurshausse tevoorschijn halen, maar puinruimen ligt in het verschiet. Inderdaad wordt krediet, tijdens deze schulddeflatie, gedurende een gehele generatie, een heel vies woord.

DIEDERIK SCHMULL

14 Juli, 2015

WESTCLIFF-On-SEA, Essex, U.K.

=============

dinsdag 16 juni 2015

ZOEK DEKKING


ZOEK DEKKING

Niemand weet, wanneer alles in rook opgaat. Het gehele financieele en handelssysteem is echter nauwer met elkaar verbonden dan ooit. Een kink in de kabel kan al leiden tot een toekomstige Mad Max en ‘ieder-voor-zich’ wereld. Stel je eens voor, als de stroom bijvoorbeeld uitvalt. Sinds de donkere crisisdagen van 2008, is de wereldschuld met sprongen gestegen, aangemoedigd door een schijnbaar ‘lage’ rente en de funeste, alomverbreide, rente-aftrek. Maar de reeele rente, na aftrek van inflatie/deflatie, is hoog en aanzienlijk hoger dan 35 jaar geleden. Destijds heerste er hoge inflatie, waardoor de reeele rente negatief was! Tegenwoordig zijn 26 van de 34 grotere landen in deflatie. Wie schuld heeft, zit dan op de blaren, want die stijgt elke dag!. Wie kasgeld heeft, is koning. De wereld is inderdaad totaal veranderd, maar de meesten verkeren nog in een ernstige ontkenningsfase. De afgelopen 60 jaar van inflatie en economische groei is allang omgeslagen in een structurele periode van economische stagnatie, gekenmerkt door tegenvallende omzet en een gering prijszettingsvermogen. Excessieve schuld, overcapaciteit, internet en demografie zijn daar debet aan. De gemiddelde jaarlijkse groei is in de laatste 30 jaar alleen maar verminderd. De wereldhandel krimpt al 14 jaar in! De gemiddelde levensstandaard in de ontwikkelde landen is teruggevallen naar die van 25 jaar geleden. Het aantal mensen tussen 20 en 45 jaar, de voorwaarde voor een groeimaatschappij, is flink dalende en heeft steeds minder te vertellen. De 55plussers wisten liefst 90% van de loonsverhoging in Amerika te bemachtigen. Bovendien is het officieele werkeloosheidscijfer overal ter wereld nog nooit zo onbeschamend onbetrouwbaar geweest als nu. Een groot deel van de beroepsbevolking wordt eenvoudigweg niet meer meegeteld!


Men steekt voorlopig de kop in het zand. Men gelooft immers nog steeds, dat het monetaire oppompbeleid het gewenste resultaat zal opleveren. Maar groei- en inflatie-verwachtingen worden voortdurend de bodem ingeslagen, waardoor dit beleid steeds weer tekort schiet en moet worden herhaald. Het effect daarvan wordt aldoor maar minder, want de wortel van het excessieve schuldprobleem wordt nog niet aangepakt. Niets minder dan schuldherstructurering en -afschrijving kan de wereld uiteindelijk redden. Beterschap volgt na een operatieve ingreep, niet na een verdoving (zoals kwantitatieve verruiming - QE). Daarom is dit verziekte oppompbeleid niet de oplossing, maar juist deel van het probleem. Intussen spiegelen de beleidsmakers, met een strak gezicht, nog een paradijs voor, met rivieren van water, melk, wijn en honing. Ligt er een reddingsplan klaar, als het allemaal weer niet uitkomt? Van wie? Van de failliete overheden?


Er is niets mis met deflatie, maar wel met deflatie na een extreem oppompbeleid. In de laatste 65 jaar hebben zich 100 deflatie-periodes voorgedaan in 38 landen (BIS). Er was vaak deflatie tijdens een economische groei-periode, zelfs sinds 1870! Daarom is het zo onbegrijpelijk, dat Centrale Banken in de laatste decennia de natuurlijke conjunctuurcyclus niet hebben bijgestuurd (‘taking away the punch bowl’ - William McChesney Martin, FED Chairman 1951 - 1970), zoals gebruikelijk was. Daardoor kon er telkens wat lucht ontsnappen uit eventuele zeepbellen. Zij hebben daarentegen een bewust zeepbellenbeleid gevoerd, waardoor een abrupte, onbeheersbare, schokkende implosie onvermijdelijk wordt met als gevolg een langdurige tijdsperiode van ‘slechte’ deflatie. De tulpenmanie en de Zuidzee bubbel van de 18de eeuw,  de spoorweghausse van de 19de eeuw en de regelmatige onroerend goedbubbels, zoals de rage van onroerend goed in Florida tussen 1920 en 1925, eindigden allemaal in structurele economische depressies. Want als de opgepompte waarderingen van activa eenmaal kelderen, dan vallen de onderpanden voor leningen weg en zit men met de gebakken peren. De huidige generatie van Centrale Bankiers, die duidelijk aan de leiband hebben gelopen van de veel te grote, speculatieve, financieele sector, zal in de toekomst worden verguisd. Zij zullen het voorbeeld worden van hoe het niet moet en worden beschouwd als gekken, die het asiel hebben overgenomen.

Het doet niet terzake, dat beurskoersen en Picasso-schilderijen zo mooi zijn opgewaardeerd. Dat is helemaal geen bevestiging van het succes van het internationale reflatie-beleid. ‘Financial engineering’ is niet van de lucht. Als 100% van de winst van het bedrijfsleven opgaat aan de, door sommige Hedge Funds aangehitste, inkoop van eigen aandelen, ter waarde van duizenden miljarden, om de koersen op te stuwen, is er toch weinig reden om nog een beursnotering te hebben. Er wordt eveneens hiervoor duchtig geleend, want het is ‘belastingvriendelijk’! Verder zijn ‘fusies en overnames’ (M & A) veel opwindender, dan het neerzetten van een nieuwe, riskante, fabriek. Tja, en 95% van de beloning voor de directie is afhankelijk van hoeveel de beurskoers stijgt. Het is natuurlijk wel verklaarbaar, dat bedrijfsinvesteringen achterblijven in een wereld van structureel lage groei. Maar laat niemand beweren, dat de wereldgroei uit de startblokken zou kunnen geraken vanwege een uiterst riskant en kortzichtig opblaasbeleid. Er is al veel te vaak te vroeg gejuicht.

Zo langzamerhand begint het te dagen, dat het gigantische schuldprobleem van China (+100% in 4 jaar!) uit de hand dreigt te lopen. De rentebetalingen op de Chinese bedrijfsschulden zijn nu hoger dan de totale winstgevendheid. De reeele rente, na aftrek van deflatie (groothandelsprijzen April: minus 4.46%), blijft maar stijgen. De giftige leningen (‘non-performing loans’) staan meestal nog vrolijk buiten de boeken. De hoge, maar duikelende, valuta-reserves zijn een tijdelijke, schrale troost. Niemand gelooft de officieele groeicijfers meer, ook de Chinezen zelf niet. Het ‘geheim’ van haar ontstellende overcapaciteit kan eindelijk niet meer worden genegeerd. Groothandelsprijzen, industrieele productie, import en electriciteitsverbruik zijn o.a. in forse neergaande trend, terwijl de lopende rekening nu een tekort vertoont. Om het een en ander onder controle te houden, is er in de laatste 6 maanden al driemaal een superstimulering toegepast. Maar al die economische tegenvallers mogen de pret niet drukken bij de beurskoersen, die al liefst 200% omhooggevlogen zijn in de laatste 1 ½ jaar (de marktkapitalisatie is nu 200% van het Bruto Nationaal Product, een rood licht). Sommige aandelen zijn in korte tijd 1000%+ gestegen! Redenen, zoals Shanghai - Hong Kong Connect (uitgebreidere toegang tot beide markten), de toekomstige opneming in de MSCI-index en de mogelijke devaluatie van de Yuan, zwepen de speculaties verder op. Het eventuele ‘vermogenseffect’ van deze koersexplosies is heel tijdelijk, maar als alles op den duur ooit misgaat, dan zal de onverkozen een-partij-staat op zijn grondvesten schudden. Een geopolitieke misrekening in Azie is daarom plotseling niet ondenkbaar meer.

Als China struikelt, kan de rest van de wereld haar wonden likken. De meeste groei van de wereldhandel was, vooral sinds haar toelating tot de wereldhandelsorganisatie (WTO) in 2001, aan China te danken. Dan ligt een verdere verslechtering daarvan in het verschiet. Maar dit is ook de ‘nekslag’, de ‘Coup de Grace’, voor de grondstoffen-gevoelige Opkomende Markten, die duizenden miljarden aan Amerikaanse Dollars, vooral via het Europese bankwezen, hebben geleend (Amerikaanse banken hadden hun les geleerd in de jaren ‘80, toen Latijns Amerika failliet ging). Er kan dan een herhaling optreden van de Grote Short Squeeze in de Dollar van 1981 tot 1985, waardoor de Dollar omhoog schiet, vanwege gedwongen ‘dekking’ en terugbetaling van Dollarschulden. Het Dollartekort zal dat in 2008 en 2009 ver te boven kunnen gaan, toen liefst 14 Centrale Banken uit de brand moesten worden geholpen via Dollarswaps van de Federal Reserve.

Theoretisch zouden de laagste energie- en voedselprijzen in 6 jaar positief moeten zijn voor de gemiddelde consument. Maar in de praktijk is de Westerse consument (die 70% uitmaakt van het Bruto Nationaal Product) kopschuw, vanwege acute onzekerheid over zijn inkomen, zijn baan en zijn pensioen. De Amerikaanse spaarquote als percentage van het beschikbare inkomen is sinds 2005 gestegen van 2% naar 6%, na even 10% te hebben aangetikt in 2012. ‘Financieele repressie’ (zoals negatieve rente) heeft immers als doel om de gemiddelde consument te grazen te nemen en te verarmen. Bovendien was de meeste banengroei in Amerika vooral in de energie-sector, naast de zeer laagbetaalde dienstensectoren. De vraag/aanbod verhouding in olie is struktureel omgeslagen en de olievoorraad is nog nooit zo hoog geweest, waardoor men rekening moet houden met een scherp lagere olieprijs, ook vanaf het huidige niveau. Pas bij $ 10.00 of $ 20.00 (thans $ 60.00), wat de marginale kostprijs is, stopt eindelijk de overproductie. Saoedie Arabie en Venezuela hebben gewoon pech, dat zij een olieprijs vereisen van boven de $ 100.00 om hun begroting sluitend te maken, maar zoiets is niet relevant. Vooral als Iran straks weer olie kan leveren. Dus de steeds uitbreidende deflatie is niet tijdelijk!

Is het een wonder, dat ‘animal spirits’ in dit klimaat vervliegen? Men is op zoek naar de ‘veilige havens’, die nog over zijn. Het vertrouwen in de uitspraken van hen, die aan de touwtjes trekken, daalt zienderogen. Zelfs als er zich een herhaling voordoet van de ‘Roaring Twenties’ (de beurshausse van 1927 - 1929), zoals nu in China, dan is het zaak om niet meegesleept te worden door de manie van de dag. Het wordt de laatste stuiptrekking van een wereld, waar de ‘financialisering’ na 30 spannende jaren, eindelijk de geest geeft. Dat is het onontkoombare moment, dat de wereld weer met beide benen op de grond komt! Het wordt de terugkeer van ‘echte’ prijsstelling en een definitief afscheid van ‘Alice in Wonderland’.

DIEDERIK SCHMULL         16 JUNI, 2015            WESTCLIFF-On-SEA, Essex, U.K.

==

zaterdag 23 mei 2015

HET VAGEVUUR KOMT NADERBIJ


HET VAGEVUUR KOMT NADERBIJ

Voor wat, hoort wat! Volgens eeuwenoude overlevering zouden de zielen eerst moeten worden gezuiverd van alle zonden uit het verleden. Dan zou er pas kans zijn op toegang tot de Hemel. Ontsnapping uit de onderwereld zou nu eenmaal aan bepaalde voorwaarden gebonden zijn. In ieder geval, gaat een mensenleven bijna nooit van een leien dakje. Zelfs niet, als men is geboren met een zilveren lepel in de mond! Daarom is ieder mens niet zonder, vaak goedbedoelde, onvolkomenheden, waarover uiteindelijk geoordeeld zou kunnen worden. Een typische menselijke karaktertrek is iets voor niets. Want zodra iets te mooi lijkt om waar te zijn, is de gemiddelde mens er als de kippen bij. Maar die neiging kan hem duur te staan komen.

Het is weer zover. Negatieve rente breidt zich nu, als een lopend vuurtje, uit over de gehele wereld. Sinds mensenheugenis, is dat nooit in zo’n mate voorgekomen en het gehele financieele systeem kan daardoor in vlammen opgaan. Dus men krijgt  geld cadeau, als men een krediet afsluit? Een loterij zonder nieten? ‘Iets voor niets’ zou nu een dienst zijn, waar een vergoeding tegenover staat? Tegelijkertijd zouden spaardeposito’s, via negatieve rente, grondig worden leeggeplunderd? Een kind kan op zijn vingers natellen, dat, op den duur, een ondenkbaar onheil opdoemt.

De monetaire autoriteiten houden er een mentaliteit op na van: ‘we zien wel, waar het schip strandt’. Negatieve rente en negatieve obligatie-rendementen zijn wel degelijk voornamelijk te danken aan de Kwantitatieve Verruiming (QE), waarbij, tot nu toe, zo’n $ 5000 miljard aan obligaties, met bepaalde afloopdata (duration), werden omgeruild voor kasgeld, zonder afloopdatum. Dit heeft geleid tot een tekort aan ‘veilige’, eersteklas obligaties, die nodig zijn voor kapitaal- en onderpand-doeleinden, vooral in het licht van de strengere regelgeving. Sinds de financieele crisis van 2008, lijkt de jaarlijkse omvang van zulke ‘veilige’ activa met liefst 90% te zijn ingekrompen (Watt - BlackRock). Het, alom bejubelde, monetaire superstimuleringsbeleid, met zijn schaamteloos ‘vermogens-effect’ voor de bezittende klasse (de top 1%), heeft dus de instorting van obligatie-rendementen, en de dientengevolge waarde-vermeerdering van obligaties, versneld. Die ‘onverwachte’ daling van obligatierendementen was, sinds 1981, in gang gezet door het vooruitzicht van een structurele trend naar steeds lagere inflatie en zelfs deflatie, in een wereld, vol van excessieve, improductieve en exponentieel stijgende schuld, gigantische overcapaciteit en toenemende vergrijzing.

De meeste waarnemers hebben nog steeds niet door, dat de vraag naar vastrentende waarden van topkwaliteit voorlopig niet van voorbijgaande aard is. Verzekeraars zijn immers verplicht om bepaalde activa te kopen, die afgestemd zijn op hun toekomstige verplichtingen. Zulke vermogensbeheerders, met liefst $ 40,000 miljard onder hun hoede, zijn genoodzaakt om jaarlijks minstens $ 3,500 miljard van de obligaties, die worden afgelost, te herinvesteren in nieuwe obligaties. Nog afgezien van nieuw vermogen, dat belegd moet worden! Daarnaast zijn er andere partijen, zoals de pensioenfondsen, met naar schatting $ 20,000 miljard aan vermogen onder beheer, die wat meer vrijheid van handelen hebben. Maar die hebben jaarlijks minstens $ 500 miljard te herbeleggen in ‘veilige’ obligaties. En dat terwijl er bijvoorbeeld in 2015, voor slechts $ 700 miljard aan dergelijke obligaties gekocht kan worden! Want bedrijven geven dit jaar zo’n $ 1000 miljard aan ‘investment grade’ obligaties uit en overheden minus $ 300 miljard. Daarom is er een tekort, dit jaar alleen al, van $ 3,300 miljard aan ‘veilig’ en verhandelbaar papier! Het spreekt vanzelf, dat al die ‘gedwongen’ kopers van obligaties daarvoor ‘duur’ moeten betalen, desnoods met nul- of negatieve rendementen.

Bovendien zijn, sinds de crisis van 2008, investeringen in obligaties elk jaar overal flink verhoogd, vooral door strengere reguleringen. Mocht, in 2016, het monetair beleid van de Federal Reserve en de Bank of England enigszins ‘verkrappen’ (waarbij de opgekochte obligaties, die afgelost worden, niet zouden worden herbelegd), terwijl de Europese Centrale Bank en de Bank of Japan onverminderd doorgaan met hun Kwantitatieve Verruiming (QE), dan is het tekort aan obligaties altijd nog $ 1,700 miljard. Pas in 2017 is er kans op een soort ‘evenwicht’, waardoor obligatie-rendementen weer zouden kunnen stijgen, met een dientengevolge ‘waardedaling’ (met dank aan BlackRock voor de voorafgaande schattingen). Dat is dan, of veel eerder, volgens velen, ook het uur van de waarheid voor de aandelen- en onroerend goed markten.

Geleidelijk gaan bij velen de ogen open, dat men straks niet snel genoeg in een reddingsboot kan springen. Is er, bij een eventuele, wellicht decennia-lange, structurele economische stagnatie, echt wel kans op een duurzame ‘normale’, hogere rente? Zonder excessieve schuldsanering oftewel het vagevuur, is er immers geen noemenswaardige economische groei. En ook niet zonder een nieuwe Baby Boom! Of steekt er opzet achter het uiteindelijk laten omvallen van pensioenfondsen en verzekeraars, die niet meer aan hun verplichtingen kunnen voldoen? Is een nieuwe financieele crisis, liefst in het kwadraat, niet de ideale voedingsbodem voor een herboren monetair systeem, een ‘Reset’, welke volgens sommigen wel van pas zou kunnen komen? Samenzweringstheorieen zijn meestal de moeite niet waard, maar tegelijkertijd had bijna niemand zich kunnen voorstellen, dat men dit ooit zou meemaken. Hoe heeft men het zover laten komen? Men kan niet genoeg waarschuwen voor de mogelijk onbedoelde gevolgen van de bedenkelijke monetaire experimenten van de schijnbaar knappe economische kopstukken, met hun ‘wonder’- modellen.

Het meest zorgwekkende is, dat de meeste waarnemers weigeren te luisteren naar wat de obligatiemarkt ons probeert te vertellen.  Zij stellen eenvoudigweg, dat, volgens hun model (!), het rendement 2% of hoger zou moeten zijn en maken dezelfde fout als zovelen met de Japanse staatsobligaties (JGB’s), waarvan het rendement, tegen hun verwachting in, al ruim 20 jaar lang is blijven dalen. Zij proberen, tegen beter weten in, de markt de les te lezen! Tijdens de massieve deflatie tussen 1929 en 1934, toen het gemiddelde prijspeil instortte met 22%, hadden korte-termijn Amerikaanse Treasuries slechts gedurende een tweetal maanden, een negatief rendement, terwijl Treasuries van 3 tot 5 jaar altijd hun positief rendement bleven behouden. Het deposito-garantiestelsel werd in Amerika pas in 1933 van kracht (Federal Deposit Insurance Corporation - FDIC), dus een bankdeposito was toen bijzonder riskant. Meer dan 10,000 banken sloten in Amerika hun deuren tussen 1930 en 1933. En toch was er bijna geen sprake van negatieve Treasury-rendementen!

Daarom is de angstaanjagende conclusie, dat er een werelddepressie in zicht komt, erger dan de jaren ‘30. Dit is totaal niet in het vizier van de meeste waarnemers en beleidsmakers, die immers niet verder terug plegen te kijken dan zo’n 30 jaar. Dit is ook niet, wat de meesten willen aanhoren. De totale schuld als percentage van de wereldeconomie is tegenwoordig zoveel groter dan 85 jaar geleden, exclusief derivaten, en een veel groter vagevuur dan de laatste depressie, maakt derhalve zijn opwachting. De historisch lage obligatie-rendementen, vooral in Europa (waar het deposito-garantie-stelsel immers een wassen neus is), duiden op onvoorstelbare, beroerde en chaotische tijden, die we, met z’n allen, moeten doorkomen. Alle andere verklaringen voor deze alarmerende ontwikkeling, zoals ‘frontrunning’ de obligatie-aankopen van de Centrale Bank, worden er met de haren bijgesleept om de wereld in slaap te sussen. Er is heus veel meer aan de hand. Wakker worden!

DIEDERIK SCHMULL

23 Mei, 2015

WESTCLIFF-On-SEA, Essex, U.K.


==

zaterdag 9 mei 2015

BENT U STRAKS OOK DE KLOS?


BENT U STRAKS OOK DE KLOS?

Voelt u zich ook de koning te rijk? U bent dus heel blij en gelukkig? Dat doelt op geldelijke en/of geestelijke rijkdom. Een koning had vroeger een ‘rijk’ - grondbezit - en voelde zich daardoor gelukkig. Maar als dat bezit is gefinancierd, dan kan dat geluk van korte duur zijn! Want als de geldschieter, om welke reden dan ook, op de deur klopt, dan ontdekt men opeens, dat men zich rijk waande en het in werkelijkheid niet was. Want de stekker kan er dan uit. Woont u al in een hypotheekvrij huis? Als de grote afrekening zich plotseling aandient, wat elke generatie, historisch gezien, eenmaal schijnt te moeten meemaken, dan zijn de schuldenaren de klos. Het is de schuld van de schuldenaren zelf, dat zij zich in zo’n schuldpositie hebben gemanoeuvreerd, niet die van de schuldeiser. De schuldeiser ontkomt echter niet aan de gevolgen van kredietverstrekking aan niet-kredietwaardige debiteuren. Hoe meer schuld, als percentage van de economie, des te dieper en langduriger de volgende economische recessie en des te meer kans op schuldafschrijving.


Het is helaas droevig gesteld met de wereld. Sta er maar even bij stil: de gehele wereld is in het nauw gedreven door een gigantische, excessieve en grotendeels improductieve schuldbubbel, die, bij een eventuele implosie, alles met de grond gelijk kan maken. De meeste schuld levert immers niet voldoende op, om rente en aflossing te betalen. En als straks Jan en Alleman kan lenen tegen negatieve rente en men gaat nog meer lenen bij het leven, dan is er maar weinig voor nodig om het vliegwiel van financieringen totaal uit zijn evenwicht te doen geraken. Het lopende vuur van wereldwijde schuldafschrijving doemt op en kan de gehele aarde mogelijkerwijs totaal in de as leggen. Is zoiets uit de lucht gegrepen? Nee, integendeel!

De totale schuld van Japan is een formidabele 655% van haar economie, vergeleken met gemiddeld 460% voor de 17 lidstaten van de Eurozone en de, historisch nog altijd zeer hoge, 334% van Amerika. Na de kredietcrisis van 2008, kwamen de Opkomende Landen, vooral China, terecht in een spectaculaire kredietroes, terwijl hun economische groei, tegen alle verwachtingen van de deskundigen in, het af heeft laten weten. Een uiterst gevaarlijke gang van zaken! Zelfs in Amerika, wat nog gunstig afsteekt tegen de rest van de wereld, is de jaarlijkse economische groei in de laatste 5 jaar 50% lager dan die van de voorafgaande 200 jaar (tot 1999). In de Eurozone en Japan is structurele economische stagnatie nog een zegen, ondanks de titanische monetaire superstimulering en de, daarvan het gevolg zijnde, forse valuta-devaluaties, waarvan de uitwerking slechts van korte duur is. Het Bruto Nationaal Product van Japan is al 25 jaar nagenoeg onveranderd gebleven! Die wereldwijde lusteloze groei werkt als een rode lap op een stier bij zo’n excessieve schuldsituatie. De Centrale Banken zijn wanhopig, want het lijkt vechten tegen de bierkaai. De enorme monetaire liquiditeitscreatie en het gigantische ‘vermogenseffect’ van hogere aandelenkoersen en onroerend goedprijzen, hebben niet kunnen voorkomen, dat de wereldeconomie, sinds 2009, blijft tegenvallen. De deflatoire kracht van de snelle vergrijzing is veel sterker. Het aantal mensen in de leeftijd van 20 tot 45, dat een economie aan de gang houdt, loopt overal terug, zelfs in China. Ook bedrijfswinsten, na belastingen en gecorrigeerd voor voorraadwaarderingen en afschrijvingen, blijven ver beneden de maat. Grondstoffenprijzen zijn het laagst in 5 jaar, wat vele vraagtekens zet bij het alom verwachte economisch herstel.

Een hele reeks van factoren beinvloeden de omloopsnelheid van het geld, oftewel de gemiddelde snelheid van de uitgifte daarvan. Dit vertoont al sinds 1998 een dalende trend, overal ter wereld, ondanks alle monetaire superstimulering. Geen wonder, dat de inflatie zo is teruggedrongen! Zelfs in China. De beslissende factor lijkt de mate van productiviteit van bestaande schuld. Geld en schuld ontstaan immers tegelijkertijd. Als schuld leidt tot een duurzame inkomstenstroom, die zorgt voor rente en aflossing, dan stijgt die omloopsnelheid, terwijl de economie meer aantrekt dan de aangegane schuld. Maar schuld, die wordt aangewend voor consumptie, is niet productief. Het heeft later juist minder consumptie tot gevolg.

Maar is de recente rendementsstijging van Amerikaanse Treasuries niet een teken van meer groei en inflatie? Is dit het einde van hun 34-jarige triomftocht? Een volmondig ‘nee’, is daarop het antwoord! De rendementen van Amerikaanse Treasuries zijn juist nog heel aantrekkelijk vergeleken met die van de Duitse Bunds en die van de Japanse staatsobligaties. De Amerikaanse Dollar is in jaren nog niet zo hoog geweest, na 30 jaar van relatieve zwakte, wat voor Treasuries een gunstig klimaat schept. Een voortgaande toestroom van buitenlands kapitaal naar Amerika kan worden verwacht, vooral uit Europa. De recente tegenbewegingen zijn tijdelijke onderbrekingen voor zowel Treasuries als de Dollar, want Amerika als vluchthaven zal in de komende jaren in betekenis scherp toenemen. De Amerikaanse schuld als percentage van haar economie is veel lager dan die van Japan, Europa en zelfs van China. Theoretisch zou Amerika haar totale schuld nog kunnen verdubbelen, voordat een situatie wordt bereikt, gelijk aan die van Japan. Amerika heeft historisch echter, keer op keer, bewezen, niet afkerig te zijn van ‘schoon schip maken’ en opnieuw beginnen (een faillissement duurt gemiddeld maar 1 jaar). De mentaliteit van ‘door de zure appel heenbijten’ is juist typisch Amerikaans, ookal lijkt dat niet altijd zo. ‘Let the chips fall, where they may...’ is een overblijfsel van het Wilde Westen en wezenlijk verschillend van het staatsdirigisme elders in de wereld.

De wereld heeft een schreeuwend tekort aan kwaliteitsobligaties, waarvan men redelijkerwijs kan verwachten, dat de hoofdsom op de afloopdatum op tafel komt. Er kan dus nooit een ‘bubbel’ zijn in dit soort obligaties, omdat men, op een gegeven moment, 100% van zijn inleg terugkrijgt. Maar 90% van de obligatie-markt, ter waarde van zo’n $ 100,000 miljard, lijkt onbetrouwbaar en kan wel degelijk een ‘bubbel’ beleven. Obligaties zijn, in spannende tijden, het levende voorbeeld van aktiva met een extreem tegenpartij-risico, als faillissementen om zich heen zouden grijpen. Dan blijken die obligaties opeens geen knip voor de neus waard, wat hun rangorde in de kapitaalstructuur ook is. Intrinsieke waarde, zoals bij fysiek Goud, ontbreekt. Als de rendementen, om welke reden dan ook, zouden ‘normaliseren’ van Nul en Negatief naar 3 tot 5%, dan staat 90% van het schuldpapier dus op de tocht! Daarom lijken Treasuries in een politiek veilig en machtig land als Amerika onweerstaanbaar aantrekkelijk op langere termijn. Een bijna onvoorstelbaar tekort aan Treasuries is op den duur een reeele mogelijkheid, waarbij het rendement van de 30-jarige uiteindelijk instort van 3% naar 0.5%. Bijna niemand ziet dat gebeuren, maar ondergetekende wel! Zeg nooit nooit!

De 30-jarige Japanse staatsobligatie (JGB) heeft nu al een rendementsstand van 1.42%, na telkens nieuwe laagterecords te hebben bereikt in de laatste 25 jaar. Waarom zouden de Treasury-rendementen niet kunnen neigen tot (‘convergeren naar’) die van de Japanse JGB’s? Japan is immers, wat betreft de vergrijzing, het Westen 15 jaar voor. Bij de rendementen van de 30-jarige Duitse Bunds, 1.14%, na een bijna ongelofelijke 0.50% (!), is dat proces al in volle gang. De bevolking van Duitsland daalt al 10 jaar, ondanks alle immigratie, en vermindert met liefst 25% in de komende 50 jaar. Kopstukken, die, zoals onlangs Bill Gross, willen speculeren op het einde van de trend in rendementsdaling van de Duitse Bunds (‘Short gaan’), zullen bedrogen uitkomen (‘de widow-maker trade‘). Dat komt, omdat bijna alle andere landen ter wereld grote kans lopen om uiteindelijk niet aan hun verplichtingen te kunnen voldoen in een tijd van structurele deflatie, inclusief schijnbaar soliede landen als Groot-Brittannie, vooral na een Schotland- en Europese Unie-exit. Structurele deflatie lijkt onvermijdelijk tijdens de aanstaande fase van gedwongen kredietinkrimping (‘deleveraging’), die de meesten zich niet eens kunnen voorstellen en die grotendeels nog moet beginnen. Lees de geschiedenis van overmatige schuldexplosies er maar op na! De Amerikaanse Dollar en Treasuries blijven daarom de laatste rotsen in de branding, na de verwachte Grote Klap. Houd het oog ook gericht op Fysiek Goud en een handjevol aandelen van topondernemingen, die in ieder geval altijd iets waard zullen zijn, na de Grote Margin Call, de gedwongen uitverkoop van alles. Ookal zijn die misschien 50% tot 90% minder waard! Dus kasgeld, vooral in Amerikaanse Dollars en liefst in Treasuries van 3 tot 12 maanden, wordt een hele goede belegging. Want de grondslag van grote fortuinen, zoals die van kasgeld-rijke Rockefeller, Morgan, Mellon en Carnegie, was de aankoop van spotgoedkope activa van behoeftige verkopers, toen deflatie eenmaal toesloeg.

Het kernpunt, waar alles om draait, is de Amerikaanse Dollar, die zijn 30-jarige relatieve zwakte sinds 2008 achter zich heeft gelaten, wat deflatoir is. De gehele wereld devalueert niet alleen tegenover de Dollar om te proberen concurrerend te blijven, maar tegelijkertijd heeft bijna iedereen Dollars geleend (80% van de wereldschuld). Dit is gelijk aan een torenhoge ‘Short’-positie, die, tijdens een periode van structurele deflatie, onder druk staat om ‘gedekt’ te worden. Het is een vicieuze cirkel en versterkt die deflatie, terwijl Centrale Banken vrij machteloos zijn. Hun monetaire stimulering (QE) verzacht die ontwikkeling enigszins, maar kan die niet tegenhouden. Daarbij komt, dat het tekort op de Amerikaanse lopende rekening (handels- en kapitaalbalans) sinds 2007 is gehalveerd. Dit is een van de voornaamste bronnen van wereldliquiditeit, welke structureel lijkt omgebogen (energie-onafhankelijkheid) en eveneens leidt tot een Dollartekort.


Het grote signaal van de Grote Wereldcrisis is het moment, dat China er de brui aan geeft en de Chinese Yuan devalueert tegenover de Dollar. Het laatste salvo in de internationale valuta-oorlog! Dan wordt de wereld geconfronteerd met de export van de Chinese deflatie als gevolg van de kolossale overcapaciteit aldaar, ontstaan door de grootste monetaire en kredietexpansie aller tijden.


DIEDERIK SCHMULL


9 Mei, 2015

WESTCLIFF-On-SEA, Essex, U.K.

woensdag 29 april 2015

ER IS NIETS VERANDERD


ER IS NIETS VERANDERD

Zeven jaar na het uitbreken van de gevaarlijkste financieele crisis in ruim 80 jaar, lijkt er aan het risico van het monetaire systeem hoegenaamd niets veranderd. Nog steeds is het onmogelijk om in te schatten, hoe hoog dat risico is. Talloze analisten van de financieele sector hebben allang het hoofd in de schoot gelegd en geven weemoedig toe, dat het systeem ondoorzichtiger is geworden dan ooit. Toezichthouders en beleidsmakers staan voor een onmogelijke taak! Telkens als er nieuwe regels komen voor bankkapitaal en voor een bepaalde hefboom (leverage ratio), blijken die in de praktijk te kunnen worden omzeild door leningen met verhoogd tegenpartij-risico (repo’s), talrijke derivatentransacties, exotische opties (knock-in, knock-out) en securitisaties. Vaak  wordt meer risico juist aangemoedigd, zonder uitbreiding van het eigen vermogen, want de creativiteit in de financieele wereld kent geen grenzen. Bovendien heeft de toenemende regulering de onstuimige expansie in de hand gewerkt van ‘schaduwbankieren’, de financieele activiteiten van niet-banken, die nagenoeg buiten schot blijven en gemakkelijk een nieuwe internationale liquiditeitscrisis kunnen veroorzaken. Internationale overeenstemming over risico-beperkingen in het bankwezen, zoals de isolering van een retailbank (‘ring-fencing’) binnen een grootbank, blijkt totaal afwezig. Anders gaan die banken, vanwege de hogere kosten, er vandoor, zoals de machtige HSBC in Groot-Brittannie al heeft gedreigd te doen.


Trouwens, de verzekeraars kunnen er ook wat van. Die slimmerikken zijn druk bezig om hun risico’s te verschuiven naar ingewikkelde pakketten van herverzekeringsregelingen (‘bundled’ arrangements), waardoor de onderliggende risico’s worden verdoezeld. De vergelijkingen met de gangbare Subprime pakketten van 2008, die de kredietcrisis ontketenden, zijn frappant! De steeds populairdere, hoog-renderende catastrofe-obligaties lijken daarom een ramp. die staat te gebeuren. De aardbeving in Nepal heeft minstens $ 4 miljard schade berokkend, maar slechts $ 100 miljoen was verzekerd. Zoiets in Californie (‘The Big One’) zou wel eens heel andere koek kunnen zijn.

Tegelijkertijd is men naarstig bezig om te proberen het derivatenmonster van minstens $ 700.000 miljard te temmen. De onzichtbare derivatenberg, die door de financieele instellingen onderling (Over-The-Counter) overeind wordt gehouden, zou moeten worden overgeheveld naar 4 grote verrekeningsinstituten (Clearing Houses). Maar door hun onzeker financieel fundament is het gevaar voor een systeemcrisis allerminst geweken. Vele Amerikaanse grootbanken hebben hun derivatenposities al ondergebracht bij de Federal Deposit Insurance Corporation (FDIC), waardoor een eventuele noodsituatie kan worden afgewenteld op de belastingbetaler.


Belastingbetaler en, nu vooral, depositohouder (=kredietgever), staat gij weer paraat, als het misgaat?

Daarom kan men alleen maar het ergste vrezen, als het soepele monetaire beleid van liquiditeitscreatie (QE) en van nul- en negatieve rente ooit eenmaal moet worden gedraaid. De onbedoelde effecten van dit beleid stapelen zich immers op. Vergelijk het maar met de verdoving van een patient bij een operatie. Op een gegeven moment moet die verdoving worden beeindigd, ongeacht de mogelijke bijwerkingen of complicaties. Anders verwisselt de patient het tijdelijke voor het eeuwige! Het onorthodoxe monetaire beleid was nodig om het systeem te redden, maar uiteindelijk is de terugkeer naar een ‘normale’ korte rente onontkoombaar, hoe pijnlijk de gevolgen ook zijn en hoe goed of slecht de economie er ook voorstaat. Anders gaat het systeem toch failliet. De autoriteiten hebben geen vat op de langere rente, die door de markt wordt bepaald, al naar gelang de inflatie- en groeiverwachtingen. Structurele stagnatie, vergrijzing en deflatie zouden kunnen leiden tot een structureel lagere lange rente. Japan ging ons voor! Geen economisch ‘model’ is hiertegen opgewassen. Economie is nu eenmaal geen wiskunde.

Er is echter een wereldwijde kredietbubbel, die niet alleen in de lucht moet worden gehouden, maar die in wezen ook nog exponentieel moet blijven groeien. Anders volgt een economische depressie van ongekende omvang. Vandaar de huidige mentaliteit onder de beleidsmakers van: ‘na mij, de zondvloed’. Vooral geen schuldsanering, want het risico van een herhaling van een faillissement van Lehman Brothers is eenvoudigweg niet te overzien. Landenfaillissementen zijn helemaal uit den boze. Totdat de kracht van de natuur de overhand neemt.

Om de natuurlijke inkrimping van de excessieve kredietbubbel tegen te gaan, is kwantitatieve verruiming (QE) in het leven geroepen. De Centrale Bank koopt staatsobligaties op in ruil voor liquiditeiten aan het financieele systeem (‘asset swap’). De Staat moet de rente daarop aan de Centrale Bank uitbetalen. Alle winst van de Centrale Bank komt echter weer ten goede aan de Staat, wat dus betekent, dat de Staat rente betaalt aan zichzelf. Dit vermindert het begrotingstekort en in feite ook de staatsschuld. Voorwaarde is wel, dat de Centrale Bank alle opgekochte staatsobligaties blijft verlengen en nooit verkoopt. Hoe meer staatschuld wordt opgekocht, des te kleiner wordt de staatsschuld! De Centrale Bank schakelt de markt in staatsobligaties eenvoudigweg uit en neemt, namens de Staat, die gehele markt over. De Bank of Japan is al hard op weg. Die heeft al zovele Japanse staatsobligaties opgekocht, dat het net lijkt alsof de staatsschuld als percentage van het Bruto Nationaal Product is gedaald van 250% naar 200%! De gemiddelde rente daarop is al het allerlaagst van alle 34 landen in de OECD en de rentekosten zijn slechts 1% van het Bruto nationaal Product tegenover het OECD-gemiddelde van 1.6%. Briljanter kan het niet. Er komt dus nooit meer een financieele crisis, want de almacht van de Centrale Bank garandeert een eeuwig lage rente.’Spiegeltje,spiegeltje aan de wand, wie is het schoonste in het land?’

Bovendien luidt de theorie(!), dat bij nul- of negatieve rente, schuld oneindig kan blijven stijgen. Want alleen de rentebetaling moet regelmatig op tafel komen, maar de hoofdsom van schuld behoeft toch nooit te worden afgelost. Er is dus geen vuiltje aan de lucht! Het schuldprobleem is hierdoor uit de wereld geholpen. Gelooft u al in het zorgeloze paradijs? Toch nemen talrijke kamergeleerden dit serieus. Dat komt ervan, als men niet in het echte leven staat.

Laat er, helaas, aan deze geniale bedachtsels nou toch een einde komen! Want de onbedoelde gevolgen daarvan, doet dit luilekkerland de das om. Vooral bij negatieve rente zullen verzekeraars en pensioenfondsen niet aan hun verplichtingen kunnen voldoen. Mits de regels dat toelaten (na een eventuele wetswijziging), zullen zij hun risico’s aanzienlijk verhogen, door meer te beleggen in aandelen, hedge funds en onroerend goed. Of in peperdure, illiquide infrastructuurfondsen. Stel je voor, weer een paar goktenten erbij! Bij vastrentende waarden is men in ieder geval verzekerd van de hoofdsom op de einddatum. Maar riskante activa kunnen, bij tegenwind, 50% tot 90% instorten of verdwijnen. Of zorgen eeuwige QE en ‘financial engineering’ (-kredietgedreven- aandelen inkoop door bedrijven) ervoor, dat er nooit meer een beurscrash komt? Te mooi om waar te zijn! Talloze financieele instellingen dreigen failliet te gaan, welke actie zij ook besluiten te ondernemen. Het beest verslindt zijn eigen kinderen!

Tegelijkertijd is er een wedloop bij de autoriteiten om zo spoedig mogelijk het bezit van baar kasgeld drastisch te beperken, want anders wordt dat straks ondergebracht in bankkluizen of beveiligde pakhuizen. Tijd voor ruilhandel of winkelcoupons? Je moet er maar op komen! Bankruns zijn een kwestie van tijd. Het onbedoelde gevolg van dit vernuftig monetaire beleid is een knullige systeemcrisis, omdat het vertrouwen opeens zal vervliegen. Het duurt heus geen 10 jaar , hoor! Het gapende verschil tussen arm en rijk, vanwege het kunstmatig oppompen van aktivamarkten, lijkt verder politiek steeds explosiever te worden. Revoluties zijn zeker de wereld nog niet uit! De top 1% heeft haar vermogen sinds de kredietcrisis zien verdubbelen (‘het vermogenseffect’), terwijl de middenklasse gebukt gaat onder een stijgende schuldenlast en een reeele daling van het gemiddelde inkomen. Men moet immers concurreren met loontrekkenden in de gehele wereld (‘globalisering’), de automatisering en, niet te vergeten, het internet.

Daarom gaat het roer om, uit puur zelfbehoud. Daarom komt er nog een grote klap in opgepompte aktiva. Daarom wordt er straks weer geroepen: ‘dat zullen de beleidsmakers toch nooit toelaten, want er is geen weg terug’. (herinnert u zich nog: ‘ze’ zullen de huizenprijzen nooit laten dalen…) Geen bubbel houdt het vol! Net zoals het vroegere FED-hoofd, Paul Volcker, in 1981, de rente verhoogde naar het ‘ondenkbare’ niveau van liefst 21.5% (Prime Rate) om de hoge inflatie van destijds in de kiem te smoren, zal de huidige, superlage rente weer moeten ‘normaliseren’ om een systeemcrisis af te wenden. De duizenden miljarden aan opgekochte obligaties zullen eveneens niet eeuwig op de balans kunnen blijven van de Centrale Bank. Geen Centrale Bank kan op den duur functioneren met een negatief eigen vermogen. Zodra herkapitalisatie van Centrale Banken aan de orde komt, zullen die obligaties niet meer worden verlengd of zelfs worden verkocht, wat neerkomt op een verkrapping van het monetaire beleid. In 2016 alleen al, lopen minstens $ 200 miljard aan Treasuries op de balans van de Federal Reserve af. Zal de FED dit keer gewoon toezien en geen actie ondernemen? Zullen Centrale Banken dit keer een mini-depressie op de koop toe nemen, net zoals in 1981, om te voorkomen, dat het systeem voorgoed verdwijnt?

Hoelang nog, voor de grote klap? Een paar jaar? Wat maakt het uit?

DIEDERIK SCHMULL

29 April, 2015

WESTCLIFF-On-SEA, Essex, U.K.

==