BIJNA ALLES GAAT VOOR DE BIJL
Alles is toch in kannen en kruiken? Mooier kan het toch niet? Niemand behoeft zich meer zorgen te maken over stijgende rentes of dalende koersen! Centrale Banken, tezamen met hun handlangers, hebben met hun monetaire oppompbeleid (QE), de markten geprivatiseerd. Dat betekent, dat markten kunnen fluiten naar onvervalste prijzen, die hoofdzakelijk door vraag en aanbod tot stand worden gebracht. De Centrale Banken schijnen zich de markten, doormiddel van interventies en manipulaties, te hebben toegeeigend, zodat die zijn verdonkeremaand. Maar schijn bedriegt. Er is niet veel voor nodig om een kunstmatig kaartenhuis om te kieperen. Het is een kwestie van tijd en zal totaal onverwacht plaatsvinden. Een systeemcrisis zonder weerga maakt geduldig zijn opwachting, net zoals een leeuw, die de zebra in zijn klauwen laat rennen. Want wat de meeste optimistische waarnemers schijnen te negeren, is, dat de excessieve wereldschuld, als percentage van de totale economie, helemaal uit de hand is gelopen. Dat is niet op te lossen met nog meer liquiditeitscreatie (‘kwantitatieve verruiming’ - QE), want 97% van het monetaire systeem bestaat uit schuld (krediet), dat de wereld straks de das omdoet! De Centrale Banken zijn machteloos tegenover deze reusachtige kredietpiramide, deze King Kong, die deflatoire krachten ontketent, die onbeheersbaar blijken! Of denken ze werkelijk, dat zij deze Goliath, de grote reus, net zoals David, de kleine herdersjongen, met een welgemikte steen tegen zijn voorhoofd, onschadelijk kunnen maken? Wat een droom! Centrale Banken hebben bijna al hun kruit verschoten en het lijkt vechten tegen de bierkaai. De laatste schulddeflatie van 1929 tot 1949 (20 jaar!) was slechts een peuleschilletje, vergeleken met wat de wereld nu te wachten staat. De huidige wereldschuld, als percentage van de totale economie, is een veelvoud van toen! Onvoorstelbaar barre tijden komen op ons af en bijna alles gaat voor de bijl.
Er is geen tekort aan geld, zeker niet sinds 1971, toen het systeem van vaste wisselkoersen moest worden verlaten. Maar er is een overmaat aan krediet, dat steeds maar moet worden verlengd. Die herfinanciering is niet meer vanzelfsprekend, als de solvabiliteit in opspraak komt. Inkomen en vermogen vertonen nu eenmaal vaak grillige bewegingen. Dus hoe de bollebozen, aan het roer van ons monetaire systeem, de kredietcrisis menen te kunnen bestrijden met een tsunami aan geld (in ruil voor obligaties), dat alleen maar kan leiden tot een structureel tekort aan kwaliteitsobligaties, het essentieele onderpand van het systeem, en tijdelijke tekorten in bepaalde vaste activa, zonder de pijnlijke schuldsanering en -herstructurering, is een volledig raadsel. Zulke tekorten hebben geleid tot negatieve obligatierendementen en activa-bubbels, die het financieele systeem kapot maken! Geen enkel systeem kan op die manier lang functioneren. Men kan elkaar slechts, gedurende een beperkte tijd, aftroeven. Pas op voor de theoretici met hun ingewikkelde modellen, die zelf nooit ervaring hebben opgedaan met het leiding geven aan een echt bedrijf en die zelf nooit verantwoordelijk zijn geweest voor de betaling van personeelssalarissen. Degenen, die in het ‘echte’ leven staan, weten, dat men nooit kan terugdeinzen voor pijnlijke beslissingen, als de toekomst van een bedrijf eenmaal op het spel staat. Want anders is het over en uit.
Een tekort aan veilige kwaliteitsactiva, mede dankzij het onorthodoxe monetaire beleid van de vriendelijke Centrale Bankiers, die alles proberen op te zuigen, luidt het einde in van het huidige kredietsysteem, dat gebaseerd is op onderpand. Zonder onderpand, geen krediet en ook geen derivaten. Er is nu een situatie ontstaan, die zich zelfs nooit voordeed tijdens de donkere dagen van de vorige economische depressie van de jaren ‘30. Het is al zover, dat grotere spaardeposito’s, die niet eens rentegevend zijn, extra worden belast of eenvoudigweg door de banken worden geweigerd. Nieuwe bankregels schrijven immers voor, dat een lagere hefboom wordt vereist en dat er dus minder ruimte is voor speculatie, wat het rendement op het eigen vermogen aantast. Een maatschappij, die besparingen ontmoedigt, en speculaties juist aanmoedigt, zal zich volledig verkijken op een duurzame economische groei, doormiddel van lange termijn investeringen. Alles is gericht op de korte termijn, wat altijd noodlottig afloopt. De enige groei is dan nog te danken aan een eventuele kredietexpansie. Maar steeds meer krediet levert tegenwoordig echter telkens minder economische groei op, totdat excessieve schuld een neerwaartse spiraal tot gevolg heeft!
Een kind kan op zijn vingers natellen, dat de wereld afstevent op hele moeilijke tijden. Dat is echt niet het einde van de wereld, want, terugkijkend in de geschiedenis, is er niets nieuws onder de zon. Alles heeft nu eenmaal een cyclus. De wereldeconomie kan zich, sinds 2000, zo’n 14 jaar geleden, nauwelijks in stand houden, ondanks al het monetaire kunst en vliegwerk, omdat er overal sprake is van niet-productieve schuld, waar rente en aflossing niet meer vanzelfsprekend zijn, en die goedschiks of kwaadschiks mettertijd zal worden gesaneerd. Uitstellen en uitsmeren zijn tijdelijke lapmiddelen. Dat is de stilte voor de storm!
Deflatie, op jaarbasis, is nu al een feit in 21 van de 34 grotere economieen van de OECD. Nog eens 7 economieen flirten met deflatie. Deflatie ondergraaft de belastinginkomsten en stuwt de nationale schuld, ten opzichte van het BNP, omhoog. Vandaar, dat de huidige deflatoire trend zo’n nachtmerrie vormt voor de beleidsmakers. Stel, dat die trend niet ‘tijdelijk’ is? De meeste waarnemers, die voortdurend hogere inflatie, hogere economische groei en hogere rente hebben voorspeld, zijn nog steeds van mening, dat Centrale Bankiers uiteindelijk het pleit zullen winnen, en dat hogere inflatie onvermijdelijk is. Maar al hun pogingen om een natuurlijke, aanstaande kredietinkrimping, plus de versnellende vergrijzing, tegen te houden, zullen vruchteloos blijken. De wereldwijde overcapaciteit in alles, dankzij het internationale oppomp- en kredietbeleid, zal eerst uit de weg moeten worden geruimd. Dit proces is ingrijpend en neemt heel veel tijd in beslag. De ene valse dageraad zal volgen op de andere.
In een wanhopige poging om ‘inflatie te importeren’, verlaagt het ene na het andere land ook nog de officieele rente, waardoor zo’n 34 grotere valuta’s al zijn gedevalueerd ten opzichte van de Amerikaanse Dollar, wat zelfs door het G-20 forum werd gerechtvaardigd! Maar er zijn grenzen aan de welgevalligheid van Amerika. Heeft men dan niets geleerd van de vorige economische depressie in de jaren ‘30 en de funeste uitwerking van tariefmuren (Smoot - Hawley Tariff Act, 1930)? Let op! Geen enkele valuta-koppeling is heilig meer, ook niet die tussen de Chinese Renminbi en de Amerikaanse Dollar. Zodra China zich gedwongen ziet om ook grootscheeps te devalueren, dan zijn de protectionistische geluiden in het Amerikaanse Congres niet van de lucht. De wereldhandel lijkt structureel zijn beste tijd achter de rug te hebben!
Vandaar ook, dat de zegetocht van de, vooral langere termijn kwaliteitsobligaties, sinds 1981 (33 jaar!), nog lang niet voorbij is. Het tekort daaraan wordt steeds nijpender, vooral als overheden, zoals Duitsland, de uitstaande schuld gaan verminderen. Opvallend is, dat de 25-jarige Nul-coupon obligaties, zoals die op Treasuries, in de afgelopen 33 jaar, gemiddeld 700% meer zijn gestegen dan aandelen! Het is zelfs zo, dat de Britse staatsobligaties (‘Gilts’) in de 19de eeuw, gedurende liefst 80 jaar in waarde bleven stijgen! Deflatie en beurspaniek waren toen aan de orde van de dag, waardoor aandelen, gedurende een generatie, als ‘hete aardappelen’ werden beschouwd. Niemand wil dit nu geloven of horen, maar een herhaling in de komende decennia is niet ondenkbaar! Wantrouw de algemene mening, dat riskante activa opeens ‘veilig’ zijn, op straffe van fors vermogensverlies. Zelfs Alan Greenspan, warempel de architect van het beleid van kwantitatieve verruiming (QE), liet zich onlangs ontvallen, dat de markten zeer heftig zouden reageren, mocht de Federal Reserve, door omstandigheden, gedwongen zijn om, los van haar uitgestippelde voornemens (‘forward guidance’), de bankreserves, die bij de Federal Reserve gestald zijn, toch extra te belasten. Daarom is het zo gevaarlijk om te hangen aan de lippen van woordvoerders, want zoiets gebeurt totaal ‘onverwacht’.
In een tijd van nul-rente, bank bail-ins (met mogelijke confiscatie van deposito’s) en ongewone monetaire superstimulering, lapt iedereen ‘risico’ aan zijn laars. Liever dure aandelen en duur onroerend goed, op toplocaties, en natuurlijk fysiek Goud, die, in het ergste geval, altijd ‘iets’ waard zijn, dan ‘geld’ en obligaties, die wellicht behangpapier worden. Wat rationeel lijkt in een typische bubbel, is absolute waanzin, als men weer in staat is om de zaak nuchter te bekijken. ‘Kuddegeest’ is menselijk (en dierlijk!), maar uiteindelijk zeer gevaarlijk voor het eigen welzijn. Niemand kan echter de toekomst echt voorspellen, dus een gespreid vermogen blijft te allen tijde een absolute vereiste.
Alle hoop, dat China de wereld zou redden, laat staan, dat het de leidende rol in de wereld van Amerika zou overnemen, is allang de bodem ingeslagen. Niet alleen is de traditionele, kredietgedreven economische groei daar gehalveerd, als men tenminste de officieele cijfers mag geloven, of hoogstwaarschijnlijk geheel verdwenen, maar er zijn nu eindelijk ernstige vraagtekens gerezen over haar interne en externe schulden van tienduizenden miljarden. Duizenden Chinezen van de elite hebben de bui al zien aankomen en zijn inmiddels al met honderden miljarden, dankzij creatieve financieele praktijken, op de vlucht geslagen naar het Westen. China wordt, hier en daar, terecht, al vergeleken met het overmoedige Japan van 1990, waar de economische groei het, sindsdien, al 2 decennia, heeft laten afweten. De algemene mening was, dat er sinds 2002, toen China deel ging uitmaken van de World Trade Organization (WTO), een permanente hausse zou zijn ontstaan in grondstoffenprijzen. Inderdaad was China, gedurende vele jaren, verantwoordelijk voor de aankoop van 40% van de jaarlijkse wereldproductie van de meeste grondstoffen. De ongeevenaarde voorraadopbouw, die daarop volgde, en de gigantische overcapaciteit bij de grondstoffenproducenten, die historische trends extrapoleerden, hebben nu een structurele grondstoffeninzinking teweeggebracht. Dit geldt ook voor de olieprijs, omdat slechts 1.6% van de 2,222 olievelden in de wereld, een negatieve kasstroom heeft bij een olieprijs van $ 40.00 (Wood Mackenzie). Dus de olie-overproductie gaat voorlopig nog vrolijk door! De nominale olieprijs van $ 11.28 van December, 1998, is weer in zicht en de $ 133.93 van Juni, 2008, is echt voorgoed verleden tijd. Het is bijna niet te geloven, maar talloze ‘deskundigen’ hadden het toendertijd over een mogelijke olieprijs van $ 200.00! De financieele en werkgelegenheids-repercussies van deze komende depressie in de oliesector, en in de grondstoffensector in het algemeen, worden nog verschrikkelijk onderschat. Pas op voor beleggingen in de zogenaamde Opkomende Landen!
Vergeet ook alle mooie verhalen over de verbetering in de werkgelegenheid. Niet alleen is dat cijfer, overal ter wereld, om politieke redenen, hevig gemanipuleerd en ook nog eens onvergelijkbaar van land tot land, maar het is zonder meer zo klaar als een klontje, dat banengroei alleen plaatsvindt bij bedrijfstakken met laagbetaalde werknemers. Bovendien stijgt het aantal werknemers, buiten een vast dienstverband met vaak veel kortere arbeidstijd, overal aanzienlijk. Als klap op de vuurpijl, zijn vooral de vijftigplussers, die, noodgedwongen, hardnekkig aan de slag blijven of zelfs terugkeren in het arbeidsproces, de snelst groeiende groep van werknemers, vooral in Amerika. De jeugdige generatie heeft het nakijken, vooral in de economisch zwakkere landen.
Verder zal de Eurozone, in de huidige opzet, een structurele deflatie en een wereldrecessie niet kunnen overleven. Daarnaast is Europa politiek onhandelbaar, getuige de schuchtere aanpak van de oorlog in Bosnie (1992 - 1994, met 100,000 slachtoffers) en nu weer, van de hedendaagse schaakbewegingen van Rusland. Zonder een volledige, politieke en monetaire integratie, inclusief het verlies van soevereiniteit op allerlei vlakken, zullen de interne onevenwichtigheden scherp toenemen. De enige manier om de Euro te behoeden voor de ondergang, schijnt te worden, de instelling van een staatsstructuur, die de inspraak van de bevolking tot een minimum beperkt en de solidariteit, bij de lidstaten onderling, gewoon doordrukt. Veel geluk daarmee! Dat wordt misschien geprobeerd, maar de geschiedenis heeft geleerd, dat geen enkele monetaire en politieke unie, die bestaat uit verschillende, soevereine landen (ongeveer 150 stuks), het ooit lang heeft kunnen volhouden. Toegegeven, het Romeinse Rijk bestond 750 jaar en het Byzantijnse Rijk zelfs 900 jaar. Uitzonderingen bevestigen de regel!
We moeten de toekomst, ondanks alles, ook weer niet al te somber inzien. Een optimistische kijk is een voorwaarde voor zelfbehoud. Elk obstakel kan en zal worden overwonnen, want de mens is ongelofelijk creatief. De wereld staat nog pas aan de vooravond van baanbrekende technologische en biotechnologische ontwikkelingen. Alle hel en verdoemenis kunnen die vooruitgang slechts vertragen, maar niet tegenhouden. Het is daarom zaak om zich, als mens, aan te passen aan een wereld in beweging, want de afgelopen generatie heeft, in de laatste 70 jaar, buitengewoon geluk gehad vergeleken met alle voorafgaande generaties. Zoiets heeft ook een cyclus.
DIEDERIK SCHMULL
5 Maart, 2015
WESTCLIFF-On-SEA, Essex, U.K.
=